Middeleeuwen

Val WRR

HB p.31-34

Hoogbloei onder Trajanus (200n.C.)

Daciërs, Parthen

Interne oorzaken

Rijk te groot, onbestuurbaar

zwakke leiders, decadentie aan het keizerlijk hof, soldatenkeizers, generaals, pleegden vaak staatsgrepen, grenzen verzwakten, uitzonderingen, Diocletianus, splitste het rijk in 2 delen, tetrarchie, Constantijn, schafte tetrarchie af, godsdienstvrijheid voor christenen, bekeerde zich tot het christendom (Arianisme?), stichting Constantinopel, nieuwe hoofdstad van HEEL het RR, Theodosius, christendom wordt staatsgodsdienst

te veel huurlingen

hoge belastingen, economie stort in, trouw van het leger werd vaak afgekocht

Externe oorzaken

Germaanse invallen, Odoaker, onttroont laatste Romeinse keizer, Wordt zelf GEEN keizer, stuurt de regalia van de Romeinse keizer naar de keizer van het ORR, Romulus Augustulus, laatste Romeinse keizer

De Germanen

HB p.35-38

Volksverhuizingen

oorzaken, Overbevolking, Voedseltekort, migratie, Aantrekkingskracht van welvaart van Rome, verzwakte grenzen

stammen, Hunnen, Afkomstig uit het Verre Oosten, Trekken door Centraal Europa naar het Westen, Goten, Ostrogoten, Visigoten, Uit Centraal Europa verjaagd door de Hunnen, Gothalanda --> Cataluña, Vandalen, Andalusië

Cultuur

vaak barbaarser voorgesteld dan in werkelijkheid, Romeinse auteurs, Caesar, Tacitus, bijna geen Germaanse geschreven bronnen, wel levendige mondelinge cultuur (verhalen), veel Germanen hadden de Romeinse cultuur overgenomen

meer veeteelt ipv graanteelt

polytheïsme, Donar, Freya, enzovoort

De Franken

HB p.39-50

Germaanse stam

Woongebied = het huidige Frankrijk

Soms bondgenoten, soms vijanden van de Romeinen

Twee stammen

Ripuarische Franken, Eigen wetgeving, woonden aan de Rijn

Salische Franken, De Merovingers, gesticht door koning Merovech, Kern van het rijk = Doornik, Clovis, Kern van het rijk = Parijs, doopsel (ca. 500), Zijn onderdanen volgen hem en bekeren zich, Wordt voorvechter van het christendom, vaas van Soissons, De vadsige koningen, regeren niet zelf, hofmeiers, soort eerste minister, doet het eigenlijke regeringswerk, Karel Martel, Slag bij Poitiers, 732, eerder in de buurt van Tours uitgevochten, veldslag tegen de Spaanse Moren, Pepijn de Korte, staatsgreep, met de hulp van de paus, tot koning gezalfd, sacraal (heilig) koningschap, stichter van de Karolingische dynastie, verjaagt de Langobarden, schenkt de veroverde gebieden aan de paus, de pauselijke staten (Italië), De Karolingers, gesticht door Pepijn de Korte (ca.750), genoemd naar Karel de Grote, gekroond door de paus (800), gekroond tegen zijn wil?, waarschijnlijk diplomatiek manoeuvre tov de keizer van het ORR, sterft in 814, Lodewijk de Vrome (814-843), Verdrag van Verdun, 843, verdeling van het rijk van Lodewijk onder zijn zonen, Karel de Kale, West-Francië, Lotharius, Lotharinge, al snel ingepalmd door zijn broers, Keizerskroon, Lodewijk de Duitser, Oost-Francië

Het leenstelsel/de feodaliteit

HB p.85-86

persoonlijk contract

doel, Rijk verdelen om het beter bestuurbaar te maken

problemen, lenen werden erfelijk, versnippering, leenmannen onttrokken zich aan het gezag van hun leenheer, leenmannen dienden soms twee leenheren, wat in geval van oorlog?

symbolen, leenheer gaf land/inkomsten ==> koren, leenman gaf trouw ==> zwaard

definities

leenheer, geeft land, biedt bescherming

suzerein, hoogste leenheer in een koninkrijk

vazal/leenman, krijgt land, schenkt trouw, militaire steun, belastinggeld, diensten, raadgeving

leen (= feodum), land dat in leen gegeven wordt

gouw, middeleeuwse provincie

mark, grensprovincie, militair versterkt

Landbouw

HB p.22-28

vroege middeleeuwen

ca.500 - ca.1000

weinig opbrengsten, weinig geschikte landbouwgrond, bossen en wouden, moerassen, ongunstig klimaat, te koud, primitieve landbouwtechnieken, haakploeg, slechte bespanning lastdieren, tweeslagstelsel, land werd verdeeld in twee stukken; afwisselend: één bebouwd , één braakland, doel: grond minder snel uitputten, landbouwwerktuigen vaak nog uit hout gemaakt

late middeleeuwen

ca.1000 - ca. 1450

stijging van de opbrengsten, meer geschikte landbouwgrond, bossen werden gerooid, inpoldering, gunstiger klimaat, warmer, nieuwe landbouwtechnieken, keerploeg, haam, drieslagstelsel, land werd verdeeld in drie slagen, verfijning tweeslagstelsel, afwisseling: wintergraan - zomergraan - braakland, karrenploeg, bemesting, gevolg, meer eten, ontstaan van de steden

Het domaniaal stelsel

omschrijft de organisatie van een middeleeuws domein, vroonhof, eigendom van de landheer, mansi, kleine boerderijen, bewoond door pachters, gemeenschappelijke gronden, bv. dries, driehoekig perceel grond, omringd door bomen, drinkpoel, bossen, weideland, steengroeves, kleiputten, het domein was zelfvoorzienend, autarkie

De Pest

HB p.18-21

1347-1351

medische oorzaak

bacterie

verspreiding

zeer snel, door de rattenvlo, bevolking van Europa was vatbaar, gebrekkige hygiëne, relatieve overbevolking en voedseltekort, de landbouwproductie kon de bevolkingsgroei in de steden niet volgen, eenzijdig dieet

route, vanuit het Oosten, langs de handelsroutes, (haven)steden

gespaarde gebieden, Pyreneeën + Bohemen, afgelegen, economisch minder interessant, dunbevolkt, Milaan, quarantainemaatregelen, verbod op import, dichtmetselen van besmette huizen

middeleeuwse verklaringen

straf van God, bidden/biechten

joden/ketters/duivelaanbidders, verbranden, verbannen

rotte lucht, aroma-therapieën, dokterssnavel, potpourri

gevolgen

massale sterfte, ca. 40 miljoen mensen, 1/2 van de Europese bevolking

invloed van de Kerk liep terug

einde van de epidemie

ziekte doofde uit, minder besmettingsgevaar: door massale sterfte raakte Europa ontvolkt en woonden de mensen verder van elkaar; de handel liep terug, de quarantaine maatregelen werden meer en meer toegepast

drie varianten

Bubonische pest/builenpest, indien lymfeklieren aangetast waren, etterende gezwellen op de weke plaatsen van het lichaam

zwarte vlekken, indien bloedbanen aangestast waren, zwarte dood

longpest, indien de longen aangetast waren, zeer besmettelijk

Het ontstaan van een nieuwe samenleving

HB p.51-53

fundamenten van de West-Europese cultuur

(Grieks-)Romeinse beschaving, Romaanse talen, Frans, Spaans, Italiaans, ..., wetten, Romeins recht, heirbanen, namen van de maanden, januari -> Janus, juli -> Julia, augustus -> Augustus, ..., architectuur (rondbogen, zuilen,...), wijn

Germaanse beschaving, mode, broek, dieet, hoofdbestanddeel = vlees, bier, weekdagen, donderdag -> Donar, vrijdag -> Freya, ...

christelijke Kerk, nam zaken uit zowel de Germaanse als de Romeinse cultuur over en gaf er een christelijke invulling aan, Germaanse zaken, feesten, Joelfeest, kerstboom, licht -> advent/kerstster, Halloween, All Hallows Eve, Lied van Heer Halewijn, geesten verjagen/gunstig stemmen, Romeinse zaken, paus = Lat. "pontifex maximus" =hogepriester, grenzen van parochies = grenzen van Romeinse civitates