Create your own awesome maps

Even on the go

with our free apps for iPhone, iPad and Android

Get Started

Already have an account?
Log In

Qualitative Research Design, An Interactive Approach (Maxwell, 2005) by Mind Map: Qualitative Research Design, An
Interactive Approach (Maxwell,
2005)
0.0 stars - reviews range from 0 to 5

Qualitative Research Design, An Interactive Approach (Maxwell, 2005)

01. A Model for Qualitative Research Design

"Because design always exists, it is important to make it explicit, to get it out in the open where its strenghts, limitations, and consequences can be clearly understood".

"In contrast, the model in this book is a model of as well as for research"

Kwantitatief onderzoek

in essentie lineair van opbouw

een volgorde van stappen

van probleem naar oplossing of theorie

deze sequentie kan herhaald worden (iteratie)

Kwalitatief onderzoek

de lineaire opbouw is niet van toepassing

ieder onderdeel in het ontwerp moet op elk moment in het onderzoek heroverwogen kunnen worden of aangepast kunnen worden

model is beinvloedbaar voor nieuwe ontwikkelingen of wijzigingen in andere onderdelen van het model, Een interactief model, Ontwerp, "Elastiek-metafoor", De relaties tussen deze verschillende componenten zijn geen strakke regels en er is niet spake van een eenduidige oorzaak - gevolg structuur., Een kwalitatief onderzoeksmodel kenmerkt zich door een bepaalde mate van flexibiliteit, maar er zijn wel beperkingen die worden opgelegd door de relaties tussen de verschillende componenten., 1. Doelen, 2. Conceptueel-/theoretisch kader, 3. Onderzoeksvragen, 4. Methodiek, 1. De relatie met de deelnemers in je onderzoek, 2. Keuzes rondom dataverzameling: wie, wat, wanneer, waarom, etc., 3. Wijze van dataverzameling, 4. Analyse van data, strategie en techniek, 5. Validiteit en betrouwbaarheid, "design-map", het maakt de componenten in het onderzoeksmodel waar je beslissingen over moet maken expliciet, systeemdenken, het benadrukt het interactieve karakter van ontwerpkeuzes maken in kwalitatief onderzoek en de verschillende verbindingen tussen deze onderzoekscomponenten, Omgeving, Meerdere factoren die je onderzoeksontwerp beinvloeden, Horen niet bij het ontwerp van van een onderzoek, maar bij de omgeving waarin het onderzoek plaatsvindt

"memos"

al het schrijfwerk in relatie van je onderzoek, naast het eigenlijke veldwerk schrijven, 1. Serieuze reflectie, analyse en zelf krtisch, 2. Organiseer je memo's

"Not writing memos is the research equivalent of having Alzheimer's disease; you may not remember your important insights when you need them"

"When you write, don't put a tuxedo on your brain" (Metzger, 1993)

05. Methods. What Will You Actually Do?

Ontwerp kwalitatief onderzoek

Ontwerp je onderzoeksinstrumenten van te voren ipv tijdens het onderzoek, Gestructureerde benadering, Bevordert het maken van vergelijkingen, Goed voor onderzoeksvragen die gaan over verschillen tussen variabelen, Ongestructureerde benadering, Bevordert focus op specifieke onderwerpen, Gericht op maatwerk, aangepast aan specifieke condities, "Thus, the decision is not primarily whether or to what extent you prestructure your study, but in what ways you do this, and why" (p.81)

Vier onderdelen, 1. De onderzoeksrelatie die je ontwikkeld met de mensen die je onderzoekt, "Reflexiviteit" = het gegeven dat de onderzoeker deel is van de sociale omgeving van de persoon die hij of zij onderzoekt, "What you need are relationships that allow you to ethically gain the information that can answer your research questions", 2. Selectie van personen en locaties, "Sampling" = beslissingen over waar je het onderzoek uitvoert en welke personen je daarbij betrekt., 1. 'probability sampling', iedere deelnemer van de onderzoeksbevolking heeft gelijke kans om gekozen te worden, bevordert statistische generalisaties, je hebt wel een grote onderzoeksbevolking nodig om gegevens generaliseerbaar te maken, 2. 'convenience sampling', de onderzoeker beinvloedt de kans dat deelnemers van de onderzoeksbevolking gelijke kansen hebben om gekozen te worden, wordt afgeraden, 3. 'purposeful selection', strategie die bewust specifieke locaties, personen of activiteiten selecteert die informatie opleveren die niet op andere manieren verkregen kunnen worden, 1. Het creeren van een een representatieve situatie van de te onderzoeken personen, locaties of gebeurtenissen;, 2. Om juist heterogeniteit te bereiken in de onderzoeksbevolking., 3. Bewust kiezen van casussen die essentieel zijn voor het theoretisch- en conceptueel kader dat gebruikt wordt in het onderzoek, 4. Om bepaalde vergelijkingen te kunnen maken die verschillen aan het licht kunnen brengen tussen omgevingen en personen., "key informant bias", kwalitatieve onderzoekers moeten bouwen op een relatief kleine groep informanten voor een heel groot deel van de gegevens, En ondanks bewuste selectie en op het oog valide data is er altijd de kans dat de standpunten van de informanten 'typisch' zijn., 3. Dataverzameling, 1. de relatie tussen onderzoeksvragen en dataverzamelingsmethoden, Onderzoeksvragen en dataverzamelingsmethodiek zijn twee losstaande onderdelen in je ontwerp, "Your methods are the means to anwering your research questions, not a logical transformation of the latter" (p.92), "Your research questions formulate what you want to understand; your interview questions are what you ask people in order to gain that understanding" (p.92), 2. Triangulatie = dataverzamelen door het gebruik maken van meerdere bronnen en methoden, interviews, observaties, 4. Datanalayse, Start gelijk na eerste methodiek dataverzameling, continu proces, Strategie kwalitatieve analyse, opties, 1. Memo's, 2. Categorizeren, coderen, categorizeren en ordenen van data zodat vergelijking mogelijk wordt, 1. Organisatorische categorie, algemene onderwerpen die je vast stelt voor verdere dataverzameling, 2. 'Substantive' categorie, Beschrijvende analyse, dicht bij de beschrijvingen van de deelnemers standpunten, 3. Theoretische categorie, Plaatst de data in een generiek theoretisch- en conceptueel denkkader., 3. Verbinden, Met als doel het begrijpen van de data, Aantonen van relaties tussen verschillende variabelen

04. Research Questions. What Do You Want To Understand

Onderzoeksvragen

het hart van het onderzoeksontwerp, linkt alle componenten, onderzoeksvragen hebben invloed en worden beinvloed door elk onderdeel van de onderzoeksvraag

vaak het resultaat van goed geformuleerde vragen en een interactief ontwerpproces

"Type III error", door vast te houden aan je onderzoeksvragen voor dat je een goed beeld hebt van je theoretisch en conceptueel kader en de methodologie en de invloed hiervan op je onderzoeksvraag, loop je het risico de verkeerde vraag te beantwoorden.

Functies van onderzoeksvragen

functie in een proposal, specifiek uitleggen wat je wil leren of wil begrijpen door het doen van het onderzoek

functie in onderzoeksontwerp, focus, goede afbakening belangrijk, leidt naar specifiek conceptueel kader, geeft suggesties hoe het onderzoek uit te voeren, je onderzoeksvraag moet uitvoerbaar zijn door het type onderzoek dat je ook daadwerkelijk kan uitvoeren., potentiële problemen, 1. te gefocust, tunnelvisie, 2. te vroeg geformuleerd, daardoor sta je niet open voor bepaalde theoriegebieden, 3. aannames, je brengt een conceptueel kader mee dat niet past bij de werkelijkheid, 4. pre-conceptie, je hebt een idee over hoe een onderzoeksvraag er uit hoort te zien, maar past verder niet bij je echte doelen over wat je wilt bereiken, steun tijdens uitvoering

Type onderzoeksvragen

verwarring, intellectuele vs. praktische zaken: wat wil je begrijpen vs. wat wil je bereiken, je moet je onderzoeksvraag zo stellen dat ze je leiden naar de informatie en het begrijpen daarvan om je te helpen bij het bereiken van je praktische doelen, onderzoeksvragen vs. interviewvragen, onderzoeksvragen identificeren de zaken die je wilt begrijpen, interviewvragen genereren de data die je nodig hebt om de onderzoeksvragen te begrijpen

onderzoekshypothesen in kwalitatief onderzoeksontwerp, hypothese = uitspreken van een voorlopig antwoord op je onderzoeksvraag, wat jij denkt dat daar aan de hand is., propositie is beter woord, in kwant. onderzoek wordt de hypothese voorafgaand de dataverzameling gesteld, in kwal. onderzoek prima om hypothese na afloop of tijdens onderzoek te formuleren, wel testen en controleren op validiteit, risico op 'blind maken': dat je niet meer helemaal ziet wat er aan de hand is.

generieke vragen en specifieke vragen, generieke vragen gekoppeld aan 'sampling' benadering, de data moet representatief zijn voor de onderzoeksbevolking waar het sample uit is genomen., in kwal. onderzoek vaak kleine samples met een wat onduidelijke representativiteit, suggestieve antwoorden, in algemene bewoording, dat komt omdat een te grote sample binnen een kwal. onderzoek niet past: dan gaat het al snel richting kwan. onderzoek, specifieke vragen gekoppeld aan een 'casus' benadering, selectie specifieke case erg belangrijk, representativiteit, een afdoende beschrijving, interpretatie en verklaring van de case is belangrijk

instrumentele vragen en realistische vragen, instrumentalisten, formuleren hun vragen gericht op observeerbare en meetbare data, risico, je verliest uit het zicht waar je werkelijk in geintreseerd bent, scherpe afbakening zodat je daadwerkelijke fenomenen buiten sluit met als gevolg een strak onderzoek, maar niet interessant., maakt het moeilijk om belangrijke doelen die je wilt bereiken met je studie bespreekbaar te maken, je gaat niet theoretiseren over niet direct observeerbare zaken, realisten, niet geobserveerde data (gevoelens, waarden en normen, intenties, vorig gedrag, effecten van, etc.) zijn echt en hun data is het bewijs, om vervolgens kritisch te gebruiken om ideeen te ontwikkelen en te testen over het bestaan en de werking van deze fenomenen., risico, ongefundeerde conclusies trekken, persoonlijke aannames of verwachtingen hebben krijgen misschien te veel invloed, "My own preference is to use realist questions, and to address as systematically and rigorously as possible the validity threats that this approach involves" (p.73), 1. de omvang van de validiiteitsproblemen hangen af van het onderwerp, doelen en methodiek van onderzoek en moeten worden geassessed in de context van het specifieke onderzoek., 2. er zijn vaak effectieve manieren om validiteitsproblemen op te lossen in kwal. onderzoek, 3.Standpunt: onobserveerbare fenomenen zijn net zo echt as observeerbare fenomenen en net zo legitiem als onderwerp voor een wetenschapelijk onderzoek.

variantievragen en procesmatige vragen, variantievragen, verschllen en correlatie, past beter bij kwant. onderzoek, de kracht van kwant. onderzoek is juist onderliggende processen beschirjven, procesmatige vragen, hoe gebeuren zaken?, situatie-specifieke fenomenen, procesmatige orientatie, 3 typen vragen, 1. vragen over de betekenis /bedoeling van gebeurtenissen en activiteiten voor mensen die zijn betrokken, 2. vragen over de invloed van de fysieke en sociale context over deze gebeurtenissen en activiteiten, 3. vragen over het proces achter deze gebeurtenissen en activiteiten en hun uitkomsten

Onderzoeksvragen ontwikkelen

Een oefening in 6 stappen (p.76-78)

07. Research Proposals. Presenting and Justifying a Qualitative Study

proposal

uitleggen van de flexibiliteit die je onderzoek nodig heeft

indicatie van hoe je te werk gaat bij het maken van ontwerpbeslissingen

de vaardigheid om een samenhangend en kansrijk onderzoek te ontwerpen

je bent bewust van de kernzaken in je onderzoek en weet hoe je daar mee moet omgaan

hoeft geen compleet uitgewerkt ontwerp te zijn

een proposal is een argument voor je onderzoek, de logica achter het onderzoek verklaren, samenhang tussen verschillende onderdelen, waarom doe je wat je doet?, samenhangend voor de lezer

doel van proposal

"The purpose of a proposal is to explain and justify your proposed study to an audience of non-experts on your topic" (p.118), 1. Uitleggen, je wil dat je lezers duidelijk begrijpen wat je van plan bent te gaan doen., 2. Verdedigen, je wil dat je lezers ook begrijpen waarom je het onderzoek wilt doen., 3. Onderzoeksproposal, Je proposal gaat puur en alleen over je onderzoek, 4. Non-experts, alles moet duidelijk zijn voor iemand die niet ingelezen is in het onderwerp

relatie tussen onderzoeksontwerp en proposal-argument

conceptueel kader, Locke et al., 1. Wat weten of doen we al?, 2. Hoe relateert deze specifieke vraag aan bij wat we al weten of doen?, 3. Waarom deze specifiieke methodiek kiezen?

doelen, Przeworski & Salomon, 1. Wat gaan we leren als resultaat van het onderzoek dat we nu niet weten?, 2. Waarom is het waardevol om dit te weten?, 3. Hoe weten we dat de conclusies valide zullen zijn?

model proposal structuur (fig 7.2, p.122)

1. Abstract, een 'roadmap', verkort: het waarom van je onderzoek

2. Introductie, doelen van onderzoek, welk probleem wordt opgelost, overzicht van je hoofdvragen, type onderzoek

3. Conceptueel kader, twee functies, relatie bestaande theorie en onderzoek en hoe draagt jouw onderzoek daar aan bij., theoretisch kader uitleggen dat de basis gaat worden van je onderzoek, geen samenvatting, maar verankeren in relevante bestaand theoretisch kader en onderzoek, relevantie, duidelijke verbinding ervaringen en standpunten

4. Onderzoeksvragen, ter opheldering van, 1. hoe je vragen zich verhouden tot eerder onderzoek en theoretisch kader, je eigen ervaring en verkennend onderzoek en tot je doelen, 2. hoe deze vragen een samenhangend geheel worden, met een focus op klein aantal focusvragen

5. Onderzoeksmethodiek, uitleggen en verantwoorden van de specifieke methodologische keuzes die je maakt, voor elke beslissing: duidelijk maken waarom dit een logische beslissing was., Onderdelen methodologie, 1. Onderzoeksontwerp (typologisch), Wat voor een soort onderzoek is het?, 2. De onderzoeksrelatie met degene die je onderzoekt., 3. Sampling van locatie en deelnemers, 4. Data verzameling, 5. Data-analyse

6. Validiteit, Aparte sectie naast onderzoeksmethodologie, 1. Duidelijkheid, uitleggen van veerschillende methoden om een validiteitsbedreiging tegen te gaan, 2. Strategisch, benadruk dat je validiteit serieus neemt, Het gaat om bewustzijn van validiteitsbedreigingen, niet in het bieden van een waterdichte oplossing;, zorg voor ruimte voor alternatieve verklaringen en het testen van je conclusies

7. Voorlopige resultaten, alleen als je al bent begonnen

8. Conclusie

9. Referenties, APA

10. Appendixes

03. Conceptual Framework. What Do You Think Is Going On?

conceptueel kader

systeem van concepten, aannames, verwachtingen, waarden en therorieen die je onderzoek ondersteunen en informeren

"explains, either graphically or in narative form, the main things to be studied - the key factors, concepts, or variables - and the presumed relationships among them" (p.33)

een 'voorlopige theorie' over het fenomeen dat je onderzoekt, om de rest van je onderzoeksontwerp te informeren, om je onderzoeksdoelen te toetsen en aan te scherpen, om realistische en relevante onderzoeksvragen te formuleren, toepasselijke methodes te selecteren, om potentiele validiteits bedreigingen op je conclusies te herkennen

het onderzoeksprobleem is deel van je conceptueel kader

het betreft NIET het eenvoudig samenvatten van een theoretische kennisbasis, 1. Leidt tot een smalle focus op 'de literatuur', waardoor je vergeet dat er andere bronnen zijn die net zo belangrijk of waardevoller zijn voor je onderzoek, vergeet je eigen inzichten en speculatieve gedachten niet., 2. Heeft de neiging om een strategie op te leveren die gericht is op het 'dekken van het gebied', in plaats van een focus hebben op die onderdelen die relevant zijn voor jou onderzoek, 3. Het doet voor alsof de taak simpel een beschrijvend karakter heeft, terwijl het juist een kritische activiteit is, de literatuur is geen 'authoriteit' maar een bron van ideeen waar ook fouten in kunnen zitten

"the conceptual framework for your research study is something that is constructed, not found" (p.35)

Onderzoeksparadigma's

een van de beslissingen die je moet maken is het paradigma waarbinnen je gaat werken, 1. Er zijn verschillende paradigma's binnen kwalitaitief onderzoek, belangrijk om aan te geven welk paradigma jij gebruikt omdat het je helpt in het ontwikkelen van ontwerp beslissingen en om deze beslissingen te verantwoorden, 2. Je hoeft niet een enkel paradigma te adopteren, combineren is ook mogelijk, 3. De selectie van de paradigma is niet geheel een zaak van vrije wil

vier modules die je kunt gebruiken om een conceptueel kader te ontwerpen voor je onderzoek, 1. Je eigen experimentele kennis, de onderzoekers is zijn eigen onderzoeksinstrument, "Any view is a view from some perspective, and therefore is shaped by the location (social and theoretical) and 'lens' of the observer". (p.39), memo's, 2. Bestaande theorie en onderzoek, niet alleen gepubliceerd werk, maar andermans theorieen en empirisch onderzoek in zijn totaliteit, 'theorie', een set van concepten en de veronderstelde relaties tussen deze concepten, een structuur met de bedoeling om een representatie of een model te zijn over hoe iets werkt in de wereld, niet alleen een kader, maar ook eenverhaal over waarom jij denkt dat er iets gebeurt en waarom., belangrijk is de relatie tussen de twee concepten, grounded theory (Glaser & Strauss, 1967), theorie die inductief wordt ontwikkeld gedurende onderzoek en deze theorie is in constante interactie met de data van dit onderzoek, het gebruik van bestaande theorie, 1. Theorie is een kledingkast, de concepten van de bestaande theorie zijn de 'klerenhangers' en bieden plek om data 'op te hangen', en laten hun relatie zien met andere data., 2. Theorie is een spotlight, het vestigt je aandacht op specifieke gebeurtenissen of fenomenen, schijnt licht op relaties die anders niet gezien worden of verkeerd begrepen worden., de bestaande literatuur, en de aannames die er in verborgen zijn, kan je onderzoeksaanpak vervormen, waardoor je belangrijke elementen in je onderzoek niet ziet., twee manieren om bestaande theorie NIET goed te gebruiken, 1. Door het onvoldoende te gebruiken, 2. Door er te afhankelijk van te zijn en niet kritisch te zijn., "Develop or borrow theories and continually test them". (p.46), Concept maps, een concept map van een theorie is een visuele representatie van deze theorie: een afbeelding die aangeeft wat er aan de hand is met het fenomeen dat je onderzoekt., variance maps, gaat om abstracte, generieke concepten, die verschillende waarden kunnen hebben, tijdloos, process maps, specifieke situaties of gebeurtenissen, het is een gereedschap om je conceptueel kader te ontwikkelen, Waarom gebruik je concept maps, 1. Om samenhangend aan te geven, te visualiseren, wat je impliciete theorie is of om een bestaande theorie op te helderen, 2. Om theorie te ontwikkelen. 'Denken op papier', Blijf niet hangen in globale, abstracte concept maps: focus de theorie., 1. Analyseer elke subcategorie en identificeer de verschillende elementen die in deze categorieën zitten., 2. Dimensionaliseer de categorieën en probeer de verschillende karakteristieken te onderscheiden, het moet nuttig zijn in het proces om een beter begrip te krijgen van wat er aan de hand is., andere vormen van gebruik, 1. Het helpt je om een bevestiging te ontwikkelen van je onderzoeksontwerp, 2. Bestaand onderzoek kan je informatie verschaffen over de methodiek, geeft suggesties over alternatieve benaderingen, etc., 3. Bestaand onderzoek is een bron van data om je theorie te testen of aan te passen, 4. Bestaand onderzoek helpt je om een therorie te genereren., 3. Je pilot en verkennende onderzoek, pilots ontikkelen om je ideeen en methodiek te testen en hun implicaties te verkennen, of om grounded theory te ontwikkelen, een begrip te ontwikkelen van de concepten en theorieen die mensen die je onderzoekt hebben: hun interpretatie, een begrip krijgen van de betekenis die situaties of fenomenen hebben op mensen die betrokken zijn en de percepties die hun acties sturen, moeten een belangrijk onderdeel zijn van kwalitatief onderzoek: het is een van de zaken waar je theorie over gaat., 4. Gedachtenexperimenten, 'speculative model building', dagen je uit om met plausibele verklaringen te komen voor observaties van jou en van anderen en om na te denken over hoe je deze verklaringen kunt ondersteunen of moet afwijzen., verkennen de logische implicaties van je modellen, je aannames en verwachtingen van de zaken die je gaat onderzoeken, kunnen nieuwe theorieen opleveren of huidige theorieen testen op problemen, zorgen voor creativiteit en een gevoel van 'ontdekking', maakt explicitiet wat je al weet

New node