Get Started. It's Free
or sign up with your email address
Rocket clouds
GRAMMATICA by Mind Map: GRAMMATICA

1. wetenschappelijk

1.1. onderzoekt de grammatica van Nederland maar ook het nut van grammatica in onder andere het onderwijs.

1.1.1. Rapport over Drempels met Taal januari 2008

1.1.2. In de methode van 2008 moeten de leerlingen meer kennen dan in de methode van 1998. In het onderzoek Drempels met Taal (januari 2008) zou grammatica juist versoberd moeten worden.

2. descriptief

2.1. beschrijft de regels van de taal zowel de standaardtaal als van het dialect.

3. prescriptief

3.1. schrijft voor welke vormen van taal goed zijn en welke niet.

4. pedagogisch (leergrammatica)

4.1. taalkundig ontleden

4.1.1. woordsoorten: zelfstandig naamwoord, bijvoeglijknaamwoord, lidwoord, voornaamwoord, werkwoorden, telwoorden, voorzetsels, bijwoorden, tussenwerpsels en voegwoorden

4.1.2. basisonderwijs en voortgezet onderwijs: kerndoelen en eindtermen.

4.2. redekundig ontleden

4.2.1. paardekooper: werkte met tekens om het op te schrijven bijvoorbeeld ( ) =persoonsvorm, ( )=onderwerp, { } werkwoordelijk gezegde [ ] naamwoordelijk gezegde, --------------- lijdend voorwerp, =============meewerkend voorwerp.

4.2.2. zinsdelen; persoonsvorm, werkwoordelijk gezegde, naamwoordelijk gezegde, onderwerp, lijdend voorwerp, meewerkend voorwerp, bijwoordelijke bepaling.

4.2.3. basisonderwijs en voorgezet onderwijs kerndoelen en eindtermen.

4.3. methodes klas 2 vmbo gt

4.3.1. NieuwNederlands 1998

4.3.1.1. redekundig: persoonsvorm, onderwerp, werkwoordelijk en naamwoordelijk gezegde, lijdend voorwerp, meewerkend voorwerp, bijwoordelijke bepaling

4.3.1.2. taalkundig: zelfstandige naamwoorden, lidwoorden, bijvoeglijke naamwoorden, werkwoorden, persoonlijk, bezittelijk,vragend , aanwijzend en betrekkelijk voornaamwoord, voegwoord

4.3.1.3. uitleg bedrijvende en lijdende vorm in de zin.

4.3.2. Taaldomein 2000

4.3.2.1. redekundig: persoonsvorm, onderwerp, werkwoordelijk gezegde, lijdend voorwerp, meewerkend voorwerp, bijwoordelijke bepaling

4.3.2.2. taalkundig: zelfstandig naamwoord, lidwoord, bijvoeglijk naamwoord, werkwoord, voorzetsel, persoonlijk en bezittelijk voornaamwoord, aanwijzend en betrekkelijk voornaamwoord

4.3.3. Ta!ent 2008

4.3.3.1. redekundig: persoonsvorm, onderwerp, werkwoordelijk en naamwoordelijk gezegde, lijdend voorwerp, meewerkend voorwerp, bijwoordelijke bepaling, bijvoeglijke bepaling

4.3.3.2. taalkundig:lidwoord, zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoord, werkwoord, voorzetsel, telwoord, persoonlijk, bezittelijk, aanwijzend , vragend, wederkerend en onbepaald voornaamwoord, bijwoord

4.3.3.3. uitleg bedrijvende en lijdende vorm in de zin.

4.4. methodes

5. historische grammatica

5.1. Begin van de grammaticale traditie stamt uit 1584. Tweespraack vande Nederduitsche letterkunst van Hendrik Laurensz Spiegel.