EPZ 1 hfdstk. 1 Structuur van de Belgische Staat

Maak een Begin. Het is Gratis
of registreren met je e-mailadres
Rocket clouds
EPZ 1 hfdstk. 1 Structuur van de Belgische Staat Door Mind Map: EPZ 1 hfdstk. 1 Structuur van de Belgische Staat

1. geschiedenis

1.1. het verre verleden

1.1.1. romeinen

1.1.2. gemaanse stammen

1.1.3. Napoleon 'Code Napoleon I' = grondlegger strafwetboek

1.2. onafhankelijkheid 1830

1.2.1. erkenning grootmachten conferentie Londen

1.2.2. 21 juli 1831: Eedaflegging Leopold (ook de nationale feestdag van België)

1.3. ontstaan van de Federale staat

1.3.1. 1 koning, 1 regering, 2 parlementaire kamers

1.3.2. 9 provincies en de gemeenten

1.3.3. taal uitsluitend Frans

1.3.4. België centrale ligging tijdens 2 wereldoorlogen

1.3.5. Brussel = hoofdstad van Europa

1.3.6. oprichting NAVO ('49), VN ('51), EU ('57)

1.4. 6 staatshervormingen

1.4.1. 1970 autonome taal en cultuurgemeenschappen in de grondwet

1.4.2. 1980 eigen regering en parlement

1.4.3. 1988-1989 onderwijs + oprichting Brussels Hoofdstedelijk Gewest

1.4.4. 1993 Sint-Michielsakkoord

1.4.4.1. officieel federale staat

1.4.4.2. parlementsverkiezingen

1.4.5. 2001-2003 Lmbermont- en Lambard akkoorden

1.4.5.1. gewesten krijgen bijkomende bevoegdheden (buitenlandse handel, landbouw,...)

1.4.6. 2001 Vlinderakkoord

1.4.6.1. nog meer autonomie en beslissingsbevoegdheden

1.4.6.2. splitsing van het kiesarrondisement Brussel-Halle-Vilvoorde (BHV-dossier)

2. de monarhie

2.1. algemeen

2.1.1. koning aan het hoofd

2.1.2. erfopvolging

2.1.3. grondwet 1831

2.2. rol van de koning

2.2.1. geen persoonlijk gezag symbolische rol

2.2.2. enkel invloed bij projecten van belang voor de staat (dialoog, sociale rol,...)

2.2.3. opperbevel van het leger

2.2.4. kan enkel invloeden uitoefenen op politieke hoofdrolspelers

2.3. eedafleggig

2.3.1. art.91 grondwet

2.4. middelen van de koning (wedde)

2.4.1. civiele lijst: geen salaris maar een institutioneel budget --> een budg

2.4.1.1. t waarmee hij zijn medewerkers mee vergoedt, persoonlijke uitgave,...

2.4.2. huis van de koning

2.4.2.1. departement grootmaarschalk (representatie)

2.4.2.2. kabinet van de koning (politiek, administratie, public relations)

2.4.2.3. militair huis

2.4.2.4. civiele lijst

3. de federale staat

3.1. Art 1. GW : België is een federale staat, samengesteld uit de gemeenschappen en de gewesten"

3.2. 3 gemeenschappen: Vlaams, Frans en Duitstalige gemeenschappen

3.3. 3 gewesten: Vlaams, Waals en Brussel Hoofdstedelijk Gewest

4. bevoegdheden

4.1. federale overheid

4.1.1. het algemene belang

4.1.1.1. financiën,leger, justitie, sociale zekerheid, buitenlandse zaken,...

4.1.2. gemeenschappelijk erfgoed

4.1.2.1. gerechtelijk apparaat, toezicht over de politiediensten, sociale bescherming, verplichtingen tov andere staten en organisaties

4.1.3. alles wat niet uitdrukkelijk onder de bevoegdheid valt van de gemeenschappen en de gewesten

4.2. federale regering

4.2.1. federale uitvoerende macht

4.2.2. max 15 ministers

4.2.3. initiatierecht: kan dus ook wetgevende macht

4.2.4. wet van kracht na ondertekening door regering (koning en ministers)

4.3. federaal parlement

4.3.1. kamer van volksvertegenwoordigers

4.3.1.1. 15 leden min. 18 j

4.3.1.2. controle federale regering o.a. begroting, staatsrekeningen

4.3.1.3. kamer heeft laatste woord

4.3.1.4. bevoegdheid regering tot aftreden te dwingen

4.3.1.5. voorzitter: Siegfried Bracke (NVA)

4.3.2. senaat

4.3.2.1. 'Hogerhuis' van het Federaal Parlement

4.3.2.2. als enige bevoegd voor belangenconflicten tussen het federale parlement en de parlementen van de gemeenschappen en de gewesten

4.3.2.3. voorzitter: Christine Defraigne (MR)

4.4. senaat- wijzigingen taken

4.4.1. wetgeving

4.4.2. informatieverslagen

4.4.3. belangenconflicten

4.4.4. internationale parlementaire organisaties

4.4.5. subsidariteit

4.4.6. benoemingen in rechtscolleges

4.5. gemeenschappen gerelateerd aan 'taal' en 'mens'

4.5.1. cultuur

4.5.2. onderwijs

4.5.3. gebruik van talen

4.5.4. persoonsgebonden aangelegenheden

4.5.5. wetenschappelijk onderzoek en internationale betrekkingen

4.6. gewesten

4.6.1. meer gebiedsgebonden

4.6.2. economische aard (landbouw, leefmilieu,...)

4.6.3. bevoegdheden in domeinen die met hun regio of gebied te maken hebben vb. toezicht op provincies, vervoer, werkgelegenheid

4.7. provincies

4.7.1. 10 provincies (5 Vlaamse/5Waalse)

4.7.1.1. antwerpen

4.7.1.2. limburg

4.7.1.3. oost-vlaanderen

4.7.1.4. west-vlaanderen

4.7.1.5. vlaams-brabant

4.7.1.6. waals-brabant

4.7.1.7. henegouwen

4.7.1.8. luik

4.7.1.9. luxemburg

4.7.1.10. namen

4.7.2. ruime bevoegdheden vb. onderwijs, sociale en culturele infrastructuren,

4.7.3. De deputatie = uitvoerend orgaan

4.7.4. provintiegouverneur

4.7.5. provincieraad

4.8. gemeenten

4.8.1. alles van gemeentelijk belang --> collectieve noden van de inwoners

4.8.2. openbare werken, sociale bijstand, ordehandhaving, huisvesting, onderwijs,...

4.8.3. controle toezichthoudende instanties (fedederale staat, gemeenschappen, gewesten, provincies)

4.8.4. politiemachten, beheer burgerlijke stand, bijhouden bevolkingsregisters, OCMW

4.8.5. 589 gemeenten

4.8.6. gemeenteraad

4.8.6.1. kiest de schepenen die samen met de burgemeester, het college van burgemeester en schepenen vormen

5. de federale regering

5.1. Eerste Minister Charles Michel (MR)

5.1.1. opdrachten: -de regering leiden, -de regering vertegenwoordigen, -de regering vertegenwoordigen in internationaal verband -contacten met de niet-gouvernementele

5.2. ministerraad

5.2.1. 15 leden zowel nd talig als franstalige ministers

5.2.2. geen staatssecretarissen

5.2.3. beslist over het algemene beleid

5.3. Ministers

5.3.1. eerste minister

5.3.1.1. Charles Michel

5.3.2. minister van werk, economie en consumenten

5.3.2.1. Kris Peeters

5.3.3. minister van veiligheid, binnenlandse zaken

5.3.3.1. Jan Jambon

5.3.4. minister van ontwikkelingssamenwerking, digitale agenda, telecommunicatie en post

5.3.4.1. Alexander de Croo

5.3.5. minister van buitenlandse zaken en europese zaken

5.3.5.1. Didier Reyders

5.3.6. minister van justitie

5.3.6.1. Koen Geens

5.3.7. minister van volksgezondheid en sociale zaken

5.3.7.1. Maggie De Blok

5.3.8. minister van pensioenen

5.3.8.1. Daniel Bacquelaine

5.3.9. minister van financiën

5.3.9.1. Johan Van overveldt

5.3.10. minister van middenstand, zelfstandigen, KMO's, landbouw en maatschappelijke integratie

5.3.10.1. Willy Borsus

5.3.11. Minister van energie, leefmilieu en duurzame ontwikkeling

5.3.11.1. Marie Christine Marghem

5.3.12. minister van defensie

5.3.12.1. Sander Loones

5.3.13. minister van begroting

5.3.13.1. Sophie Wilmes

5.3.14. minister van mobiliteit

5.3.14.1. Francois Bellot

5.4. Staatssecretarissen

5.4.1. Staatssecretaris voor Buitenlandse handel, toegevoegd aan de minister belast met buitenlandse handel

5.4.1.1. Pieter De Crem

5.4.2. Staatssecretaris voor asiel en migratie, belast met administratieve vereenvoudiging, toegevoegd aan de minister van veiligheid en binnenlandse zaken

5.4.2.1. Theo Franken

5.4.3. staatssecretaris voor bestrijding van de sociale fraude, privacy en Noordzee, toegevoegd aan de minister van sociale zaken en volksgezondheid

5.4.3.1. Philippe De Baker

5.4.4. Staatssecretaris voor armoedebestrijding, gelijke kansen, personen met een beperking, en wetenschapsbeleid, belast met grote steden, toegevoegd aan de minister van veiligheid en binnenlandse zaken

5.4.4.1. Zuhal Demir

6. FOD's

6.1. 2000 Copernicushervorming: ministeris --> FOD's

6.2. taken

6.2.1. ondersteunt een minister

6.2.2. nadrukt op de dienstverlening aan de burger

6.3. aangevuld met POD's programmatorische overheidsdiensten

6.3.1. werken rond belangrijke maatschappelijke thema's die verschillende FOD's doorkruisen

6.3.2. vb. gelijke kansenbeleid, duurzame ontwikkeling

7. rechtscolleges

7.1. Grondwettelijk Hof

7.1.1. bijzondere rechtscollege

7.1.1.1. ziet toe op de naleving van de grondwettelijke bevoegdheidsverdeling tussen de Staat, de gemeenschappen en de gewesten

7.1.1.2. ziet toe op de naleving van de grondrechten

7.2. Raad van State

7.2.1. bestuurlijk rechtscollege voorzien door grondwet

7.2.1.1. kan bestuurshandelingen (besluiten, reglementen, vergunningen,...) schorsen en/of vernietigen indien in strijd met hogere rechtsregels

7.2.1.2. advies over ontwerpen van wetten (nagaan strijdig met grondwet of hogere rechtsregels)

7.2.1.3. staat buiten de rechterlijke macht

8. scheiding der machten

8.1. wetgevende macht

8.1.1. parlement en de koning

8.2. uitvoerende macht bestuurt het land

8.2.1. de koning en zijn regering

8.3. rechterlijke macht doet uitspraak over geschillen

8.3.1. rechtbanken en hoven

9. 3 Gemeenschappen

9.1. De Vlaamse gemeenschap

9.1.1. Wetgevende macht --> Vlaams Parlement en de Vlaamse regering

9.1.2. het Vlaams Parlement stemt de dereten (= wetten van de Vlaamse regering en het Vlaamse gewest)

9.1.3. uitvoerende macht --> De regering van de Vlaamse gemeenschap

9.1.4. de leden van de Vlaamse regering

9.1.4.1. 9 ministers en 1 minister president

9.1.4.1.1. Minister President Vlaams minister van buitenlands beleid en onroerend goed

9.1.4.1.2. Vlaams minister van onderwijs

9.1.4.1.3. vlaams minister van begroting, financiën en energie

9.1.4.1.4. Vlaams minister van binnenlands bestuur, inburgering, wonen, gelijke kansen en armoedebestrijding

9.1.4.1.5. Vlaams minister van mobiliteit, openbare werken, vlaamse rand, toerisme en dierenwelzijn

9.1.4.1.6. Vlaams minister van welzijn, volksgezondheid en gezin

9.1.4.1.7. Vlaams minister van werk, economie, sport en innovatie

9.1.4.1.8. Vlaams minister van omgeving, natuur en landbouw

9.2. De Franse gemeenschap

9.2.1. Wetgevende macht --> parlement en regering

9.2.2. Uitvoerende macht --> de regering van de Franse gemeenschap

9.2.3. niet te verwarren met de Waalse regering!!

9.2.4. minister- president Franse gemeenschap = Rudy Demotte (PS) Waals gewest = Willy Borsus (MR)

9.2.5. het parlement stemt over de decreten (wetten van de Franse Gemeenschap)

9.3. De Duitstalige gemeenschap

9.3.1. wetgevende macht --> een parlement en een regering

9.3.2. het parlement stemt over decreten (van de Duitstalige gemeenschap)

9.3.3. Uitvoerende macht --> regering van de duitstalige gemeenschap

9.3.4. minister-president: Oliver Paasch (ProDG)