Ik als godsdienstleerkracht

Maak een Begin. Het is Gratis
of registreren met je e-mailadres
Rocket clouds
Ik als godsdienstleerkracht Door Mind Map: Ik als godsdienstleerkracht

1. hart

1.1. eigen keuze

1.2. gevoel laten meespreken

1.2.1. Ik heb heel lang getwijfeld of deze richting wel echt iets voor mij was. Ik twijfelde tussen leerkracht lager en secundair. Uiteindelijk heb ik toch het gevoel gekregen dat deze richting echt hetgeen is wat ik wil. Ik wil vanuit heel mijn hart kleine kinderen zien ontwikkelen en ze een basis meegeven voor hun verdere leven. De stappen die je doorheen een schooljaar met kinderen meemaakt, geeft je zoveel voldoening en energie!

1.3. kompas

1.4. openstellen voor kinderen

1.4.1. relaties opbouwen

1.5. ervaringen binnenkomen

1.6. thermometer

1.6.1. gevoel

1.6.2. beleving

1.7. hart op de juiste plek

2. ziel

2.1. kern van jezelf

2.2. identiteit, authenticiteit, eigenheid en echtheid

2.2.1. = wie je bent!

2.3. inspiratie

2.3.1. spirit

2.3.1.1. = adem (spiritus)

2.3.2. intern (innerlijke drive)

2.3.2.1. Ik wil vooral mijn stempel drukken als 'goede leerkracht'. Ik wil kinderen laten nadenken over het leven en ze zelf een 'eigen rugzakje' laten bijeensprokkelen. Ik wil kinderen hierin mee begeleiden en ze helpen om later met stevige wortels in het leven te staan.

2.3.3. extern laten inspireren

2.3.3.1. De leerkracht die mij vooral heeft geïnspireerd is juf Katleen uit het derde leerjaar. Zij kon kinderen die het wat moeilijker hadden zo goed begeleiden en ondersteunen. Verder kon ze ook heel gepassioneerd vertellen en had ze een lief karakter. Dit is een leerkracht die zeker een voorbeeld is voor andere leerkrachten en ik hoop later ook zo een goede leerkracht te worden!

2.3.3.2. kracht buiten jezelf

2.3.4. minder concreet/ ontastbaar

2.3.4.1. verbondenheid met wereld

2.3.5. ervaart?

2.3.5.1. andere zelf inspireren (kringloop)

2.4. bezielde leeraar

2.4.1. iemand zijn

2.4.2. ergens voor staan

2.4.3. identiteit zichtbaar maken

3. persoonlijke levensbeschouwing/ levensbeschouwelijke identiteit (met kleine letter)

3.1. persoonlijke kijk op het leven

3.1.1. hoe ontwikkeld?

3.1.1.1. door wat je meemaakt (onderzoeken/ontdekken)

3.1.1.2. hoe je het betekenis geeft

3.1.1.2.1. onderscheid

3.2. ontwikkeling eigen kijk op leven

3.2.1. vormt referentiekader/ bril = eigen persoonlijke levensbeschouwing

3.2.1.1. bewust

3.2.1.2. onbewust

3.3. Ik probeer vooral heel positief naar het leven te kijken en in het leven te staan. Ik wil andere mensen helpen en vooral mijn steentje bijdragen in da maatschappij. Dit op alle mogelijke manieren! Zelf ben ik niet heel gelovig maar ik geloof wel in de waarden en normen van het Christendom. Ze geven een mooie basis mee van hoe je je in het leven 'goed' kan gedragen.

3.4. persoonlijk verhaal = uniek verhaal

3.4.1. vertelt: hoe jij tegen het leven aankijkt

3.4.2. geen harde feiten

3.4.3. wel persoonlijke interpretatie

3.4.4. belangrijke onderdelen filteren

3.4.4.1. waarde toekennen aan gebeurtenissen

3.4.4.1.1. stukken overslaan

3.4.4.1.2. andere dingen vergroten

3.4.4.1.3. details

3.4.4.1.4. = wegen, selecteren en betekenis geven

3.4.5. langere periode/ levensloop

3.4.5.1. hoogte- en dieptepunten

3.4.5.2. gebeurtenissen (sleutelmomenten)

3.4.5.3. personages die je hielpen/ tegenwerkten

3.4.5.4. = SAMENHANG en VEBANDEN

3.4.6. levensvragen

3.4.6.1. verzameling 'antwoorden'

3.4.6.1.1. persoonlijk

3.4.6.2. vragen over 'de zin van het bestaan'

3.4.6.2.1. Toen mijn moemoe kwam te overlijden, vroeg ik mij af 'waarom gebeurt dit bij mij?' Waarom op deze moment? Dit zijn allemaal levensvragen waar je op die moment sterk mee bezig bent en waar ik daarvoor nog nooit over had nagedacht.

3.4.6.3. universeel karakter

3.4.6.3.1. overal ter wereld

3.4.6.3.2. in alle tijden

3.4.6.4. geen eenduidig antwoord

3.4.6.4.1. eigen antwoord

3.4.6.4.2. verandert in de loop van het leven

3.4.6.5. onverklaarbare fenomenen

3.4.6.5.1. behoefte verklaring

3.4.6.6. vraag 'is er meer tussen hemel en aarde?'

3.4.6.6.1. kracht/ dimensie in het bestaan

3.4.6.7. vaak op belangrijke momenten

3.4.6.8. geen vaste antwoorden

3.5. levensbeschouwelijke ontwikkeling

3.5.1. proces (nooit af)

4. Levensbeschouwing (met hoofdletter) of Levensbeschouwelijke stroming

4.1. = religie

4.2. = godsdienst

4.3. = humanisme insluit

4.4. samenhangend pakket

4.4.1. verhalen

4.4.1.1. verzameling van antwoorden op levensvragen

4.4.1.2. niet persoonlijk

4.4.1.3. gedeeld door verschillende mensen

4.4.2. bronnen

4.4.3. ideeën

4.4.4. gebruiken

4.4.5. tradities

4.4.6. rituelen

4.4.7. = VORMEN ANTWOORD OP LEVENSVRAGEN

4.5. = Geestelijke stromingen

5. levensbeschouwelijk leren

5.1. pijlers

5.1.1. verhalen vertellen

5.1.2. vragen stellen

5.2. verbindt

5.2.1. Levensbeschouwing

5.2.2. Geestelijke stromingen

5.3. didactiek

5.3.1. iedereen zich levensbeschouwelijk ontwikkelt

5.3.2. levensbeschouwelijk leren op elke school gebeurt

5.3.3. levensbeschouwelijk leren in elke les

5.4. persoonlijke vorming = vormingsgebied

5.5. omgaan met emoties

5.6. omgaan met elkaar

5.7. burgerschap

5.7.1. voorbereiden op samenleving

5.7.2. religieuze verschillen

5.7.2.1. respectvolle

5.7.2.2. kritische

5.7.2.3. open manier

5.8. sociaal-emotionele ontwikkeling