6.2 wie heeft de macht?

Get Started. It's Free
or sign up with your email address
Rocket clouds
6.2 wie heeft de macht? by Mind Map: 6.2 wie heeft de macht?

1. Particularisme in de Republiek

1.1. Staten-Generaal: een vergadering waarin de vertegenwoordigers van de Gewestelijke Staten elkaar ontmoeten

1.1.1. omdat er geen koning was werd de stadhouder gekozen door de Staten-Generaal.

1.1.2. regenten: Bestuurder. Regenten waren een elite en kwamen meestal uit dezelfde families.

1.1.3. in 1621 werd Johan van Oldenbarnevelt raadpensionaris.

1.1.3.1. raadpensionaris: De hoogste ambtenaar in het gewest Holland(oorspronkelijk landsadvocaat), die grote invloed had op het besluitvorming in de Staten-Generaal

1.1.3.1.1. wat deed een raadspensionaris?

1.2. na het uitroepen van de Zeven Verenigde Nederlanden(1588) was het onduidelijk wie de macht lag.

1.2.1. Dit werd de Gewestelijke Staten

2. Tweespalt in de Republiek

2.1. niet iedereen was voor de besluitvorm onder leiding van Van Oldenbarnevelt. vooral Maurits werd diens rivaal.

2.1.1. de raadpensionaris zette een aantal maatregelen(Scherpe Revolutie) in om de macht van Maurits te onderdrukken.

2.1.1.1. Johan van Oldenbarnevelt werd later beschuldigt van samenzwering, waardoor hij ter dood werd veroordeeld.(1619)

2.2. binnen calcinistische kerk waren er 2 stromingen

2.2.1. rekkelijken (o.l.v. Arminius)

2.2.1.1. minder radicaal in opvattingen dan de preciezen

2.2.1.1.1. voorbeelden: Oldenbarnevelt en veel regenten in Hollandse steden.

2.2.2. preciezen (o.l.v. Gomarus)

2.2.2.1. wilden dar het calvinisme tot in de uiterste consequentie in de samenleving werd doorgevoerd.

2.2.2.1.1. voorbeeld:Maurits

2.3. Maurits werd na zijn dood opgevolgd door zijn halfbroer: Frederik Hendrik.

3. Het absolutisme in Frankrijk

3.1. De regeringsvorm van Frankrijk was het tegengestelde van die van de Republiek.

3.1.1. Republiek:particularisme

3.1.2. Frankrijk: centralisatie de politiek

3.1.2.1. tijdens de regeerperiode van Lodewijk XIV kreeg dit vorm in het absolutisme.

3.1.2.1.1. absolutisme: Een Staatsvorm waarin de koning alle macht in handen heeft en alleen God verantwoording hoeft af te leggen.

4. Driot divin

4.1. Lodewijk XIV wilde bewijzen dat hij zijn macht heeft gekregen van God.

4.1.1. de theoloog en hofpredikant gaf aan dit Driot divin een theologische basis.

4.1.2. Lodewijk deed er dan alles aan om de enige te zijn die over het land mocht regeren. de rechten van alle andere onderdrukte hij door regels.

4.1.2.1. voorbeeld: Hij riep de Staten-Generaal nooit bij elkaar

4.2. definitie: Frans voor: goddelijke recht. Dit houdt in dat een koning het recht om te regeren van God heeft gekregen en daarom alleen aan de God verantwoording schuldig is.

5. Expansiedrang van Frankrijk

5.1. Lodewijk XIV had grote ambities

5.1.1. hij wilde het rijk uitbreiden.

5.1.1.1. dit deed hij door de Republiek aan te vallen.

5.1.1.1.1. 1672 werd Utrecht ingenomen

6. een volk, een godsdienst

6.1. Lodewijk XIV kon het niet laten dat een deel van de Fransen protestants was.

6.1.1. In 1685 herriep hij het Edict van Nantes.

6.1.1.1. Edict van Nantes:(1595)De hugenoten (protestanten) kregen rechten op uitoefening van hun geloof en garnizoensrecht in een paar Zuid-Franse steden

6.1.1.2. gevolgen:

6.1.1.2.1. veel protestanten verlieten het land

6.1.1.2.2. er kwamen veel oorlogen tegen de mensen die hier tegen waren.

7. Glorious Revolution in Engeland

7.1. In het najaar van 1688 viel Willem III Engeland aan.

7.1.1. Na een aantal onderhandelingen met de Republiek werd en Willem en zijn vrouw koning Willem III en koningin Mary II van Engeland,Ierland en Schotland

7.1.1.1. Engeland werd omgevormd tot de eerste constitutionele monarchie ter wereld.

7.1.1.1.1. constitutionele monarchie: Koninkrijk met een grondwet waarin de macht van de koning is vastgelegd.

7.1.1.2. Willem II was voortdurend op oorlogspad, vooral tegen Frankrijk.

7.1.1.2.1. hij dacht namelijk dat Lodewijk XIV uit was op alleenheerschappij over heel Europa.