Leerlogboek PZH FZ blok3 15-03 & 13-04 Tab = topic niveau dieper Enter = topic zelfde

Get Started. It's Free
or sign up with your email address
Leerlogboek PZH FZ blok3 15-03 & 13-04 Tab = topic niveau dieper Enter = topic zelfde by Mind Map: Leerlogboek PZH FZ blok3 15-03 & 13-04  Tab = topic niveau dieper  Enter = topic zelfde

1. Project / Projectmatig werken

1.1. Een project heeft

1.1.1. opdrachtgever en -nemer

1.1.2. planning

1.1.3. heldere opdrachtomschrijving

1.1.4. Start en einde

1.1.5. Middelen

1.1.5.1. Finance

1.2. Project heeft deelprojecten en klussen

1.2.1. Deelprojecten complexer dan klus

1.2.2. klussen sneller

1.3. dat je een project ook alleen kunt doen

1.3.1. nog nooit op de manier naar gekeken

1.3.2. doe geen projecten alleen

1.4. Ontwikkelen van een proces kan een project zijn

1.5. Verdeling van de fases

1.6. betere/heldere beeld verdeling project/proces/klus

1.7. inzichtelijker noodzaak mindmappen in relatie tot projectmatig werken

1.8. Een proces is bekend

1.9. Evalueren / tijd nemen

1.10. Leren van anderen

1.11. klussen zijn

1.11.1. delen in je project

1.11.2. routinematig werken

1.12. om anders te kijken naar je werk

1.12.1. vroeger altijd heel veel klussen op je bordje

1.12.2. nu zie ik meer projecten

1.12.3. daardoor werk ook beter te structureren

1.13. dat de Provincie lerende/zoekende is om projectmatig te werken

1.13.1. ben een tijdje weggeweest

1.13.2. op welke manier gaan wij projectmatig werken doen?

1.14. dat we nog echt aan de vooravond staan van projectmatig werken

1.14.1. zouden er heel veel aan kunnen hebben

1.14.2. niet alleen

1.14.2.1. werken in projecten

1.14.2.2. ook het projectmatig werken

1.15. het is allemaal wel veel als een checklist

1.15.1. wat heb ik nou echt nodig?

1.16. lastig om dit soort projecten tussendoor te doen

1.16.1. je moet er mensen voor vrijmaken

1.16.2. anders duurt het te lang, is de focus weg

1.17. bij de scope bepaling

1.17.1. goed op letten dat je grenzen bewaakt

1.17.2. project niet te groot maken

1.18. kennisachterstand

1.18.1. bijv

1.18.1.1. wat is een risico

1.19. manier van werken wordt bevestigd door het weer eens op te schrijven

1.20. vraag je ook af:

1.20.1. ga je 1 'cesna bouwen' of 10.000?

1.20.2. in het tweede geval moet je ook goed proces hebben

2. Gespreks- / luistertechnieken

2.1. Methodieken LSD/OMA ed. duidelijker

2.2. Rust, elkaar laten uitspreken

2.3. Aandacht voor gesprekstechnieken

2.4. Rust bewaren

2.4.1. Rustig en duidelijk praten

2.5. doorvragen

2.5.1. bijv

2.5.1.1. 5 x waarom

2.5.1.2. doel van de bijeenkomst vragen

2.6. dat je vragen ook terug kunt leggen bij een opdrachtgever

2.7. maak altijd een gespreksbevestiging

2.8. visualiseer tijdens een gesprek wat mensen zeggen

2.8.1. en controleer of het klopt

2.8.2. zo onststaat draagvlak

2.8.3. en zit er weinig meer tussen je visuele verslag en je gespreksverslag

2.9. continu bezig zijn met manier van uitvragen / uitschrijven

3. Opdrachten (rollenspel)

3.1. Lastig om project te bevragen

3.2. niet de intentie om de reis te faciliteren

3.3. Leerzaam meer praktisch

3.4. Geen LSD toegepast (eerste onderdeel opdracht)

3.5. Meer gewoon oefenen/misschien meedraaien

3.6. Neem de tijd

3.7. lastig om gelijk in de oplossing te gaan denken

3.8. kort, bondig omschrijven

3.9. Verwachtingen/resultaten spiegelen/concretiseren

3.10. Sommige zaken / vragen parkeren

3.11. Werk zelf niet zoeer projectmatig

3.12. Werking LSD ed moeilijk soms toepasbaar

3.13. Aandacht voor opdracht (tijd)

3.14. Humor? (inbouwen)

3.15. Expert uitstralen (ik weet waar ik het over heb)

3.16. goed om hier de tijd voor te nemen

3.16.1. en goed te kijken hoe je het formuleert

3.16.2. bijv bij de opdracht

3.17. dat je duidelijker benoemen wat je opgeleverd wilt zien

3.17.1. welke producten

3.18. dat je bepaalde zaken ook kunt parkeren

3.18.1. meenemen in je plan

3.18.2. volgende keer met een voorstel komen

3.19. vooraf verwachtingspatronen eerst duidelijk krijgen

3.19.1. hoe zij erin staan

3.19.2. en andersom

3.19.3. vaststellen en daarmee aan de slag gaan

3.20. je kan het zo moeilijk en zo makkelijk maken als je zelf wilt

3.20.1. ook in het echt

3.20.2. maak het behapbaar

3.21. meer samen dingen doen

3.21.1. minder strict in rol opdrachtgever/opdrachtnemer

3.22. onderscheid maken tussen

3.22.1. iets doen (acties)

3.22.2. opleveren ervan

3.22.3. scherp stellen

3.23. dingen SMART benoemen als het op papier moet

3.24. verschil output en outcome, goed naar kijken

3.24.1. zorgt vaak voor verwarring tussen opdrachtgever/opdrachtnemer

4. Software (MindManager)

4.1. Handiger worden met de software

4.2. Plaatjes gebruik

4.3. sjabloon met toelichting volgen

4.4. Betere benutting mogelijkheden mindmanager (vooral planning)

4.5. Beter inzichten

4.5.1. Gebruik mindmanager

4.5.2. nieuwe versie/mogelijkheden

4.6. Opvallende markeringen gebruiken voor meest belangrijke info

4.7. Kleur en iconen gebruiken

4.8. dat als je het niet gewend bent zo te zien, dat het wel zichzelf wijst