1. Soorten literatuur van de 18e eeuw
1.1. Frans classicistische toneel
1.1.1. Doel: Morele en levenlessen
1.1.1.1. Poëtische gerechtigheid
1.2. Spectatoriale tijdschriften
1.2.1. Verteller die lezers door teksten leidt
1.2.2. Opinieorgaan
1.2.2.1. Lezersbrief
1.2.2.2. Geen politieke kewesties
1.2.3. Gelezen in koffiehuizen
1.2.3.1. Centrum van het sociale leven in de 18e eeuw
1.3. Kinderlitaratuur
1.3.1. Opvoeding en onderwijs waren zeer belangrijk tijdens de verlichting
1.3.2. Teksten geschreven voor kinderen
1.3.3. Belangrijke onderwerpen
1.3.3.1. Studie-ijver
1.3.3.2. Oprechtheid
1.3.3.3. Gehoorzaamheid
1.3.3.4. Relatie tussen kind en ouder
1.4. Imaginaire reisverhalen
1.4.1. Een verhaal over een reis naar een denkbeeldig land
1.4.2. Populair want er kon maatschappijkritiek worden geleverd
1.5. Roman
1.5.1. Niet alleen voor amusement bedoeld
1.5.2. Focus op de psychologische verdieping van de personages
1.5.2.1. Innerlijke ontwikkeling
1.5.2.2. Analyse van eigen gedrag
1.5.3. Soorten romans
1.5.3.1. Zedenromans
1.5.3.1.1. Wat positief en negatief gedrag is
1.5.3.1.2. Ook in romans focus op opvoeding
1.5.3.2. Briefroman
1.5.3.2.1. Geschreven in de vorm van brieven
1.5.3.3. Sentimentele roman
1.5.3.3.1. De gewaarwording van de personages staat centraal
1.5.3.3.2. Emotionele effectwerking van de lezer
2. Betekenis van Verlichting
2.1. onderwijs en het verspreiden van kennis al belangrijke middelen tegen vooroordelen
2.2. Een emancipatiebeweging in de 18e eeuw door en voor de burgerij
3. Verandering in de kunsten en wetenschap
3.1. Schrijvers
3.1.1. Meer gericht op praktische en maatschappelijke problemen
3.1.2. Vormen als romans, essays, dagboeken en brieven
3.1.3. Satire: spottende teksten
3.1.4. Vrouwen gingen een belangrijkere rol spelen in het schrijven van boeken
3.2. Filosofen
3.2.1. Kritiek op de maatschappij en de moraal verwoorden
3.3. Wetenschap
3.3.1. Kennis nam snel toe
3.3.2. Nieuwe gedachtes rondom de toekomst
3.4. Kunstenaar
3.4.1. Opvoeder en opinievormer voor zijn publiek
3.5. Muziek
3.5.1. Ontwikkeling van barokmuziek
3.5.2. Classicisme bleef aanwezig