Hoe wordt opgevoed?
por Caeley Verstraete
1. 3. opvoedingsmiddelen tijdens de activiteit, het gedrag
2. 1. naar een ruimer overzicht
2.1. zie schema pg 2
2.2. middelen ondersteunen gedrag van kind
3. gedrag aanmoedigen/stimuleren
3.1. toezicht houden
3.2. activiteiten voordoen, samen doen en nadoen
3.3. humor
4. gedrag afremmen/aanleren/inhiberen
4.1. negeren
4.2. toezicht houden
4.3. humor
4.4. activiteiten voordoen, samen doen en nadoen
4.5. afleiden
5. beroep doen op een aantal middelen
5.1. geven/zijn van voorbeeld
5.2. activiteiten voordoen, samen doen en nadoen
6. middelen die het gedrag afremmen
6.1. verbod
6.2. straffen
6.2.1. fysieke straffen
6.2.2. sociale
6.2.3. activiteitenstraf
6.2.3.1. wegnemen van leuke activiteit
6.2.3.2. laten doen van een vervelende activiteit
6.3. retrospectief beloning
7. enkele bedenkingen
7.1. als laatste opvoedingsmiddel
7.2. leert kind wat niet mag, niet wat wel mag
7.3. als je straft
7.3.1. direct, onmiddelijk
7.3.2. gedrag
7.4. duidelijk verband met gedrag
7.5. gevaar van uitstraling
7.6. negatief zelfbeeld, agressie bij kind
7.7. is anders dan een emotionele uitbarsting
7.8. straffen van ongewenst gedrag heeft minder effect dan belonen van gewenst gedrag
8. 2. opvoedingsmiddelen voor de activiteit
8.1. positieve structurering
8.2. aanmoediging
8.3. geven van advies
8.4. gebod
8.5. rituelen
8.6. toezicht houden
8.7. regels stellen
8.8. verantwoordelijkheid geven
8.9. humor
9. 4. opvoedingsmiddelen na de activiteit, het gedrag
10. gedrag afremmen
10.1. negatieve structurering
10.2. vermaning
10.3. waarschuwing
10.4. verbod
10.5. verantwoordelijkheid geven
10.6. rituelen
10.7. toezicht houden
10.8. regels stellen
10.9. humor
11. voortonen, illustreren
11.1. geven/zijn van voorbeeld
11.2. wedijver opwekken
11.3. een gesprek
11.4. regels stellen
12. beroep doen op een aantal middelen die het gedrag stimuleren
12.1. belonen
12.1.1. raadgevingen:
12.1.2. materiële bij kinderen + sociale beloning
12.1.3. kondig beloning zo weinig mogelijk aan
12.1.4. niet alleen voor gewenst gedrag, ook voor gedrag die die richting uitgaat
12.1.5. aangenaam, prettig zijn
12.1.6. materiële
12.1.6.1. sociale
12.1.6.1.1. activiteitsbeloning
12.2. gebod
12.3. het retrospectief toezicht
13. beroep op middelen die het gedrag oriënteren
13.1. een gesprek
13.1.1. belangrijkste opvoedingsmiddel dat bestaat!!!
13.1.2. één van de moeilijkste