Gastro-intestinaalstelsel: Alle organen die samenwerken voor de vertering

Comienza Ya. Es Gratis
ó regístrate con tu dirección de correo electrónico
Gastro-intestinaalstelsel: Alle organen die samenwerken voor de vertering por Mind Map: Gastro-intestinaalstelsel: Alle organen die samenwerken voor de vertering

1. Opname

1.1. Stoffen die worden opgenomen door darmwand

1.1.1. Water

1.1.2. Gucose

1.1.3. Mineralen

1.1.4. Vitamines

1.2. Stoffen die eerst verteerd moeten worden

1.2.1. Eiwitten

1.2.2. Vetten

1.2.3. Koolhydraten

2. Verteringsklieren

2.1. Maken verteringssappen

2.1.1. Bevatten enzymen

2.1.1.1. Versnellen scheikundige reactie

2.1.1.2. Worden niet verbruikt

2.1.1.3. Kan maar een soort reactie uitvoeren

3. Anatomie/fysiologie

3.1. Mond en keelholte

3.1.1. Mond

3.1.1.1. Gebit

3.1.1.1.1. Oppervlakte vergroting

3.1.1.2. Speekselklieren

3.1.1.2.1. Speeksel

3.1.2. Keelholte

3.1.2.1. Strotklepje

3.1.2.1.1. Sluit luchtpijp af tijdens slikken

3.1.2.2. Huig

3.1.2.2.1. Sluit neusholte af tijdens slikken

3.2. Slokdarm

3.2.1. Peristaltische beweging

3.2.1.1. Voortstuwen

3.2.2. Voegt geen verteringssappen of enzymen toe

3.3. Maag

3.3.1. Functie

3.3.1.1. Opslag voedsel (3-4 uur)

3.3.1.2. Maagsap maken en afgeven

3.3.2. Maagsap

3.3.2.1. Water

3.3.2.2. Zouztuur

3.3.2.2.1. pH 1,5-3,5 om bacteriën te doden

3.3.2.3. Pepsinogeen

3.3.2.3.1. Inactief pro-enzym

3.3.2.3.2. Onder invloed HCl geactiveerd tot pepsine

3.3.2.3.3. Pepsine splitst eiwitten tot polypeptiden

3.3.3. Maagportier

3.3.3.1. Kringspier op einde van maag

3.4. Alvleesklier

3.4.1. Alvleessap

3.4.1.1. Lipase

3.4.1.1.1. Breekt vetten af tot glycerol en 3 vetzuren

3.4.1.2. Amylase

3.4.1.2.1. Breekt laatste zetmeel af tot maltose

3.4.1.3. Peptidase

3.4.1.3.1. Breekt polypeptiden af tot kleinere polypeptiden

3.4.1.4. NaHCO3

3.4.1.4.1. Neutraliseert zure maagsap

3.5. Dunne darm

3.5.1. Darmsap uit darmsapklieren

3.5.1.1. Peptide

3.5.1.1.1. Breekt polypeptiden af tot aminozuren

3.5.1.2. Maltase, lactase en sacharase

3.5.1.2.1. Breken disachariden af tot monosachariden

3.5.2. Aminozuren en monosachariden worden opgenomen

3.5.2.1. Opgenomen via poortader

3.5.2.2. Gaan naar lever

3.5.2.3. Gaan naar poortader

3.5.3. Darmplooien

3.5.3.1. Groot oppervlak

3.5.3.2. Bevatten darmvlokken

3.5.3.2.1. Bloedvaten

3.5.3.2.2. Bevatten microvilli

3.5.4. 6-7 meter lang

3.5.4.1. 4 uur

3.5.5. Twaalfvingerige darm (eerste deel)

3.5.5.1. Afvoerbuis lever

3.5.5.1.1. Maakt gal

3.5.5.1.2. Breekt rode bloedcellen af

3.5.5.1.3. Afbraak giftige stoffen

3.5.5.1.4. Tijdelijke opslag glucose als glycogeen

3.5.5.2. Afvoerbuis galblaas

3.5.5.2.1. Opslagplaats gal

3.5.5.3. Afvoerbuis alvleesklier

3.5.5.3.1. Maakt alvleessap

3.5.6. Jejenum (40% darm)

3.5.7. Ileum (60%)

3.6. Blinde darm

3.6.1. Onder plek waar dunne darm overgaat in dikke darm

3.6.2. Geen functie

3.6.3. Uitstulping aan onderkant

3.6.3.1. Appendix/wormvormig aanhangsel

3.6.3.2. Ontstoken bij blindedarmontsteking

3.7. Dikke darm

3.7.1. Neemt water op uit voedsel

3.7.2. Neemt zouten op uit voedsel

3.7.3. Bevat darmflora

3.7.3.1. Bacteriën

3.7.3.2. Hebben cellulase

3.7.3.2.1. Afbraak celwanden van plantaardig voedsel (cellulose)

3.7.3.2.2. Maken vitamine K

3.7.4. 1,5 meter

3.7.4.1. 30-40 uur

3.8. Endeldarm

3.8.1. Opslagplaats onverteerde voedselresten

3.8.2. Resten verlaten via anus het lichaam

3.8.2.1. Ontlasting

3.8.2.2. Anus = kringspier