1. Bevorderend
1.1. Microniveau
1.1.1. Toegankelijkheid van F. maakt haar waarden en behoeften expliciet inzetbaar in de samenwerking
1.1.2. Bestaande interdependentie ten aanzien van de inhoud versterkt samenwerking
1.1.3. Inherente complementaire samenwerking op basis van expertise, denkhoeden en krachten
1.2. Mesoniveau
1.2.1. Gedeelde inhoudelijke interdependentie en gezamenlijke ambitie voor duurzame regionale samenwerking versterken draagvlak
1.2.2. Diversiteit in positioneringen binnen Donkers en Habermas creëert evenwicht in de samenwerking
1.3. Macroniveau
1.3.1. Macrocontext (Wmo & WNS) stimuleert het beoogde integraal werken binnen de keten
1.3.2. Landelijke beleidsdruk op intensieve samenwerking versterkt integraal werken in de keten
2. Belemmerend
2.1. Microniveau
2.1.1. Externe dreiging en psychische ontregeling F. zetten samenwerking in crisismodus
2.1.2. Onuitgesproken belangen en behoeften zetten samenwerking op procesniveau onder druk
2.1.3. Verkokerd werken en gebrek aan verbinding houden interdependentie onbenoemd én onbenut
2.2. Mesoniveau
2.2.1. Beperkte tijd en capaciteit van organisaties belemmert integraal samenwerken
2.2.2. Institutionele belangen wegen zwaarder dan resultaatgericht samenwerken voor F.'s positieve vrijheid
2.3. Macroniveau
2.3.1. Economische schaarste en arbeidsmarktkrapte beperken capaciteit, handelingsruimte en continuïteit van ondersteuning
2.3.2. Afhankelijkheid van politieke keuzes en regionale samenwerking belemmert integraal, ketenbreed en duurzaam samenwerken