HOW?
by Mirte Snoek
1. Leeractiviteit
1.1. Na vier weken korte presentatie (ouders mogen langskomen).
1.2. Veel interactie
1.3. Verbinding met andere vakken en thema
1.4. Amper losse taal lessen, veel vakoverstijgend
1.5. Autonomie voor bovenbouw leerlingen waar ze aan willen werken (zelfredzaamheid)
1.6. Veel tijd voor ontspanning richting het taal onderwijs (veel vrij lezen, etc.)
2. Docentenrol
2.1. Aanwezig als coachende rol
2.2. Veel communicatie richting ouders \ transparant
2.3. Opening van het thema door gastspreker
2.4. Docenten krijgen inspiratiemiddagen voor het aankomende thema
3. Bronnen en materialen
3.1. Bronnen en materiaal wordt in thema gebruikt
3.2. Veel gebruik van moderne technologie
3.2.1. Computers / Ipads
3.3. Bronnen en materiaal worden ontwikkeld / onderzocht in de inspiratiemiddagen
3.4. Inbreng van kinderen zelf, later ook van ouders
3.5. Bibliotheek in school
4. Leeromgeving
4.1. Voldoende laptops en tablets beschikbaar
4.2. overlegruimtes
4.3. Informatieve boeken
4.4. Techniek en muziek lokalen (vak specifieke lokalen)
4.5. Overleg met plaatselijke bibliotheek
5. Toetsing
5.1. Online volg systeem
5.2. CITO
5.3. Meet momenten zodat we weten wat de kinderen al beheersen (geen toetsen)
5.4. Formatieve toetsing
6. Leerdoelen
6.1. Formuleren
6.2. Taalcontext
6.3. Ontspanning
6.4. Begrijpend lezen
6.5. Verbinding met andere vakken
6.6. Ouderbetrokkenheid
7. Leerinhoud
7.1. Presenteren
7.2. Verbinding met thema
7.3. Differentiëren op drie niveaus
8. Groeperingsvormen
8.1. Combinatieklassen
8.2. Groepsdoorbrekend
8.3. Op school overlegruimtes
8.4. Veel autonomie
9. Tijd
9.1. 6-8 weken per thema
9.2. Spelling en grammatica 1,5 uur per week
9.3. Woordenschat en begrijpend lezen komen terug in andere vakken