Macro niveau -> welke maatschappelijke factoren kunnen leiden tot crimineel gedrag.

Maak een Begin. Het is Gratis
of registreren met je e-mailadres
Rocket clouds
Macro niveau -> welke maatschappelijke factoren kunnen leiden tot crimineel gedrag. Door Mind Map: Macro niveau -> welke maatschappelijke factoren kunnen leiden tot crimineel gedrag.

1. Etikettering werkt hier als een soort 'definitie van de situatie'. Wanneer het gedrag van een ander als afwijkend wordt gezien, plakken we hier het etiket 'afwijkend' op. Dit etiket kan weer invloed hebben op het verdere gedrag van de ander.

2. Criminologie als wetenschap gedefineerd :

2.1. Crimineel gedrag ligt niet vast -> Wat we crimineel gedrag noemen, hangt af van de gevolgen die het gedrag heeft voor zowel de slachtoffers als de samenleving, van de (morele) opvattingen van de machthebbers, van de publieke opinie, en vaak ook van de context waarin het gedrag plaatsvindt

2.2. Criminologie is de wetenschap die criminaliteit vanuit verschillende invalshoeken benadert. Daarbij wordt gebruik gemaakt van kennis uit verschillende disciplines zoals psychiatrie, geneeskunde, sociologie, psychologie, rechtswetenschappen, antropologie en politicologie.

3. Deviant gedrag = afwijkend gedrag, deviant gedrag is een ruimer begrip dan crimineel gedrag. Het gaat dus om al het gedrag wat 'afwijkt' van de algemeen geldende normen, maar niet per se ook strafbaar is.

4. Socioloog Durkheim

4.1. Functie deviant gedrag ; Het gevoel van saamhorigheid onder de groepen die het deviante gedrag afkeuren kan toenemen.

5. Socioloog Merton

5.1. 5 typen om onderscheid te maken tussen aanvaarding en verwerping van maatschapplijk aanvaarde waarden/doeleinden en middelen :

5.1.1. Conformisten (Mensen die proberen met legale middelen de culturele doelen van de samenleving te halen. Doeleinden en middelen zijn met elkaar in evenwicht.)

5.1.2. Vernieuwers ( Vernieuwers is de grootste risicogroep voor crimineel gedrag want streven namelijk dezelfde waarden/doeleinden na. Deze groep heeft niet/onvoldoende legale middelen om deze doelen te verwezenlijken. Deze groep gaat dus nieuwe – illegale – middelen inzetten om alsnog algemeen geaccepteerde waarden/doeleinden na te streven. )

5.1.3. Ritualisten (Bij ritualisme worden de culturele doelen verlaten door mensen, vaak na reeks maatschappelijke mislukkingen. Zij streven niet meer of minder naar rijkdom en succes, maar deze mensen houden zich wel vast aan de vastgestelde legitieme middelen. Hier is vaak sprake van afwijkend gedrag, maar niet crimineel.)

5.1.4. Rebellen ( daarentegen geven vaak de schuld aan een verkeerde structuur van de samenleving en zoeken het falen dus niet bij zichzelf.)

5.1.5. Onttrekkers ( terugtrekkers doen niet meer mee in de samenleving; ze wijzen zowel de culturele doeleinden als de legitieme middelen af.)

5.2. Strain to anomie : De doelen die mensen willen behalen in een samenleving kunnen botsen met de legitieme middelen om deze te bereiken. Dit zorgt voor innerlijke spanning bij mensen, ook wel 'strain' genoemd. Volgens Merton gaat het niet alleen om materiële welvaart als doel wat voor innerlijke spanning zorgt bij mensen, maar gaat het om de grote nadruk die elke maatschappij legt op bepaalde nastrevenswaardige doelen. Het centrale begrip in deze theorie van Merton is 'anomie', dit is een situatie: veroorzaakt door spanning tussen de doelstelling van de samenleving en de middelen om deze te realiseren. De spanningen (strains) die ontstaan (door doelstelling maatschappij en legitieme middelen) kunnen hier als voedingsbodem voor criminaliteit gezien worden.

5.3. Maatschappelijke factoren die ervoor zorgen dat er bij een individu innerlijke spanning ('strain') ontstaat die mogelijk leidt tot crimineel gedrag.

6. Socioloog Becker

6.1. Typologie ipv 1 definitie want volgens Becker is afwijkend gedrag een relatief begrip, want wat we als afwijkend gedrag zien hangt samen met de tijd en de plaats waarbinnen dit zich afspeelt. Hoe een bepaalde samenleving op een bepaald moment aankijkt tegen wat goed en fout is, maakt wat op dat moment als afwijkend wordt gezien. Het is dus een sociaal proces en het maakt duidelijk wat op dat moment, en op die plek de waarden en normen binnen een samenleving zijn.

7. 3 zaken deviantie een complex verschijnsel

7.1. Het ontstaat niet van de ene dag op de andere, het afwijkende individu maakt een hele ontwikkeling tot deviant door.

7.2. Het is niet alleen het gevolg van individuele eigenschappen van normovertreders, maar wordt evenzeer beïnvloed door de reacties van de omgeving.

7.3. Bepaalde vormen van deviantie hangen vaak samen met andere vormen van afwijkend gedrag.

8. maatschappelijke kwetsbaarheid

8.1. een integratieve theorie, dat wil zeggen een theorie die elementen van verschillende andere theorieën combineert. De theorie van de maatschappelijk kwetsbaarheid houdt in dat er een aantal opvolgende negatieve factoren zijn die elkaar versterken. . Het gaat hierbij om ongunstige omstandigheden zoals werkloosheid, het wonen in een slechte buurt, verkeren in een weinig stimulerende omgeving of negatief zelfbeeld e.d. Deze negatieve spiraal kan ertoe leiden dat een individu zich verzet tegen de maatschappij in het algemeen en politie/justitie in het bijzonder.

8.2. Factoren maatschappelijke kwetsbaarheid

8.2.1. Het ontstaan van de maatschappelijk kwetsbare positie begint bij de ouders en de buurt waarin jongeren opgroeien.

9. gelegenheidstheorie

9.1. het niveau van criminaliteit wordt bepaald door

9.1.1. de aanwezigheid van potentiële daders

9.1.2. de aanwezigheid van geschikte doelwitten

9.1.3. de afwezigheid van voldoende sociale bewaking

10. criminoloog Cohen

10.1. Cohen vond dat met de anomietheorie van Merton het fenomeen jeugddelinquentie niet verklaard kan worden. Volgens hem zijn competitiedrang en frustratie over status als gevolg van sociale ongelijkheid betere verklaringen voor die vorm van criminaliteit.