Ik als Godsdienst leerkracht

Maak een Begin. Het is Gratis
of registreren met je e-mailadres
Rocket clouds
Ik als Godsdienst leerkracht Door Mind Map: Ik als Godsdienst leerkracht

1. Leraar met hart en ziel

1.1. leraar vanuit je hart

1.1.1. dit ben je pas als je echt van je job houd en van je leerlingen, als je vanuit je hart lesgeeft krijg je meer voldoening van je kinderen

1.2. Leraar vanuit je ziel

1.3. 'spirit'

1.4. Wat jouw inspireert

1.4.1. wat jouw interesses zijn

1.5. Hoe jij tegen het leven aankijkt

1.6. 'Kijk op het leven'

1.6.1. hoe jij het leven bekijkt, jouw ervaring

2. Wat is levensbeschouwing?

2.1. Je 'verhaal'

2.1.1. wie jij bent en wat jou leven inhoud

2.2. Wat is zinsvol

2.3. Wat is de moeite waard

2.4. Levensbeschouwing is nooit af

2.5. Hoogte een dieptepunten, gebeurtenissen, personages

2.6. Levensvragen

2.7. universeel karakter

2.8. geen eenduidig antwoord

2.9. Levensbeschouwing, religie, godsdienst

2.10. Samenhangend 'pakket'

3. Waarom is dit boek er?

3.1. Geestelijke stroming

3.2. Verplicht kennisgebied op de bassischool

3.3. Pabo's

3.4. Kerndoel 38

3.5. 1985 is het verplicht dat basisscholen lesgeven over Geestelijke stroming

3.6. 'in deze visie op het leren is de rol van de leerkracht veel meer dan alleen iemand die kennis overdraagt'

3.7. Levensbeschouwing van de school

3.8. Levensbeschouwelijk leren is meer dan lesgeven

3.9. 'Vakken die niet worden getoetst in de eindtoets van CITO, en waarvan het 'nut' of resultaat minder direct meetbaar is, staan op veel scholen zwaar onder druk'

3.10. Hoe zorgen we dat kinderen ontwikkelen

3.11. Burgerschapvorming

3.12. Kinderen leren spontaan

3.13. Levensbeschouwelijke diversiteit

3.14. 'Tussen de bedrijven door'

3.15. Als leerkracht moet je eigen visie op het leven meegeven met de kinderen

3.15.1. dit betekent dat je kinderen mee moet geven hoe jij het leven ziet en je ervaring delen

3.16. 'Levensbeschouwelijke rugzak'

3.17. Ik als leerkracht zou mijn eigen visie op het leven meegeven aan de leerlingen

4. Hoe zit dit boek in elkaar?

4.1. bewust zijn van je eigen levensbeschouwelijke identiteit

4.1.1. weten wie je bent

4.2. Leerlingen begeleiden in het ontwikkelen van hun levensbeschouwelijke identiteit

4.3. Moet 'neutraal' zijn

4.4. Hoe jij het leven aankijkt

4.5. Keuzes tussen levensbeschouwelijke stromingen

4.6. Deel A: orientatie, kern, verdieping

4.7. Deel B: gelegenheid op je eigen levensbeschouwelijke identiteit verder te ontwikkelen