Maak een Begin. Het is Gratis
of registreren met je e-mailadres
Rocket clouds
Taaldiversiteit Door Mind Map: Taaldiversiteit

1. Het rand & taal- project

1.1. Omgaan met meertaligheid

1.1.1. Toename anderstalige leerlingen

1.1.1.1. Tegengaan

1.1.1.1.1. Leerachterstand

1.1.1.1.2. Leerbedreiging

1.1.1.2. Versterken

1.1.1.2.1. Taalvaardigheid

1.1.1.2.2. Vlaamse identiteit

1.1.2. Rekening houden diversiteit

1.1.2.1. TNN- uren

1.1.2.2. Bijstaan leerkrachten

1.1.2.2.1. informatie

1.1.2.2.2. methodieken

1.1.2.2.3. werkvormen

1.1.2.3. verhogen beleidsvoerend vermogen

1.1.3. Scholen

1.1.3.1. 4 jaar

1.1.3.2. 122

1.1.3.3. Bevraging 2008 en 2010

2. Onderzoek

2.1. Theoretisch kader

2.1.1. Koppeling aan evaluatie

2.1.2. Onderzoeksvragen

2.1.2.1. TNN-uren

2.1.2.2. Beleidsvoerend vermogen

2.1.2.3. Leerkrachten

2.1.2.3.1. Vaardigheden

2.1.2.3.2. Opvattingen

2.1.2.3.3. Inschattingen

2.1.2.4. Begeleiding

2.1.2.4.1. Invloed op leerlingen

2.1.3. Variabelen

2.1.3.1. CIPO Model

2.1.3.1.1. Context

2.2. De methodologie

2.2.1. Kwantitatief

2.2.1.1. Multimethod design

2.2.1.1.1. Vragenlijst

2.2.1.1.2. 2 bevragingen

2.2.1.2. Multicohort design

2.2.1.2.1. 3 cohorten

2.2.1.2.2. Leerlingen

2.2.1.2.3. 300 leerlingen

2.2.2. Kwalitatief

2.2.2.1. Casestudies

2.2.2.2. 4 scholen

2.2.2.3. Verschillende netten

2.2.2.4. Interviews

2.2.2.4.1. Leerkrachten

2.2.2.4.2. Directie

2.2.2.4.3. TNN-leerkrachten

2.2.2.5. Klasobservaties

2.2.2.5.1. Observatieschema

3. Resultaten

3.1. Motivatie van klasleerkrachten om te werken in een meertalige context

3.1.1. Autonome motivatie/willen

3.1.1.1. Bevredigend dan dwang

3.1.1.2. Score ligt hoger

3.1.2. Gecontroleerde motivatie/ moeten

3.1.2.1. Weegt het minst door

3.1.2.2. Score ligt lager

3.2. Omgaan met een groeiende groep anderstalige leerlingen binnen taalvaardigheidsonderwijs

3.2.1. Nog leren omgaan

3.2.1.1. Rouwproces

3.2.1.2. Druk leerplandoelen

3.2.1.3. Diversiteit blijft een uitdaging

3.3. talig klimaat in de klas en op school

3.3.1. Geen evolutie of tendensen

3.3.2. Leerkracht overtuigd van

3.3.2.1. Wereldverkennende activitetien

3.3.2.2. Belang taalproductie

3.3.2.3. Eigen taalaanbod

3.3.2.3.1. Bewust

3.3.2.3.2. Belangrijk

3.3.2.3.3. Bekwaam

3.3.3. Obervatie

3.3.3.1. Spreekt leerkrachten tegen

3.3.3.2. Gebrek aan

3.3.3.2.1. Taalproductie

3.3.3.2.2. Kansen taalproductie

3.3.4. Gebruik moedertaal/thuistaal

3.3.4.1. Klas

3.3.4.1.1. Weren van andere talen in de klas

3.3.4.1.2. Uitzondering

3.3.4.2. Klasoverstijgend

3.3.4.2.1. Gang/Speelplaats

3.3.4.3. Strafsystemen

3.4. Ouderbetrokkenheid en communicatie met anderstalige ouders

3.4.1. Evolutie naar enkel-Nederlandsbeleid

3.4.2. Inschrijving -en onthaalbeleid

3.4.2.1. Praktijk

3.4.2.2. Realiteit

3.4.2.3. Discrepantie

3.4.2.3.1. Inschrijvingsgesprekken

3.4.2.3.2. Schriftelijke communicatie

3.4.3. Evenwichtsoefening

3.4.3.1. Nederlandstalige ouders

3.4.3.2. Lokale taalpolitiek

3.4.4. Pragmatisme

3.4.4.1. Anderstalige ouders helpen

3.4.4.2. Boodschap overbrengen

3.4.4.3. Achtergesloten deuren

3.4.5. Hoe dichter bij Brussel, hoe minder tolerant

3.4.6. Tolerantie Frans

3.4.6.1. Allochtonen

3.4.6.2. Franstalige

3.4.7. Oplossingen

3.4.7.1. Inzet tolken

3.4.7.1.1. Administratieve rompslomp

3.4.7.1.2. Dringende gesprekken

3.4.7.2. Aansporen kennis Nederlands

3.4.7.2.1. Lessen

3.4.7.2.2. Hooggeschoold

3.4.7.2.3. Doorverwezen locaties buiten gemeente

3.4.7.2.4. Belang buurtbetrokkenheid

3.4.7.3. Ouders betrekken via R&T

3.5. Invloed van de R&T-begeleiding op het taalbeleid

3.5.1. Minste invloed

3.5.1.1. Omgaan met thuistaal in de klas en school

3.5.1.2. Omgaan met de communicatie met ouders

3.5.1.3. Gebruik taal van de leerkrachten met kinderen buiten de klas

3.5.2. Sterkste effecten

3.5.2.1. Taalvaardigheid meer opgebouwd

3.5.2.2. Samenwerking tussen leerkrachten met oog op taalontwikkeling

3.5.2.3. Schoolvisie mbt taalonderwijs meer uitgwerkt

3.6. Leerlingenresultaten

3.6.1. Invloed op spreek- en luistervaardigheid

3.6.1.1. Experiment te kort

3.6.1.2. onderzoek te beperkt in omvang

3.6.2. Zwaartepunt op mondelinge vaardigheden

3.6.2.1. Overgang K3 naar L3= scharnierpunt

3.6.2.2. wel evolutie merkbaar

3.6.3. Grote verschillen tussen scholen en leerlingen

3.6.4. Toch positieve evolutie

3.6.4.1. Spreekvaardigheid

3.6.4.1.1. Meisjes hoger dan jongens

3.6.4.2. Luistervaardigheid

3.6.4.2.1. Jongens hoger

3.6.4.3. Spreekangst

3.6.4.3.1. Jongens hoger

3.6.4.3.2. Weinig evolutie

3.6.5. Variabelen

3.6.5.1. Opleiding moeder

3.6.5.1.1. Diploma hoger of secundair onderwijs

3.6.5.2. Thuistaal niet NL

3.6.5.2.1. Vanaf 3e klas inhaal beweging

3.6.5.3. Thuistaal Frans

3.6.5.3.1. Spreekangst hoog

3.6.5.3.2. Oorzaak: Negatieve houding tov Frans

4. Aanbevelingen rond het omgaan met meertaligheid

4.1. Data over aankijken en omgaan met meertaligheid

4.1.1. R&T analoog VBB projecten

4.1.2. Evolutie Vlaamse rand gelijkaardig Brusselse sholen

4.1.3. VBB aanbevelingen, opgenomen in R&T

4.2. R&T aanbevelingen

4.2.1. Beleidsmakers

4.2.1.1. Expliciter beleid mbt meertaligheid

4.2.2. Beleid tov ouders

4.2.2.1. Legitimeren initiativen meertaligheid

4.2.3. Onderwijsbegeleiders

4.2.3.1. Doorprikken mythes meertaligheid

4.2.3.2. Capaciteiten andertalige kinderen verder exploren

4.2.3.3. Overleg met scholen en onderzoeken binnen thuistaal als steiger ingebouwd

4.2.4. Schoolteams

4.2.4.1. Positief omgaan met thuistalen anderstalige kinderen