1. duurzamer maken van steden
1.1. Harlem grown
1.1.1. Wat
1.1.1.1. en project waarin stadstuinen dienen als ontmoetingspunt en waar mensen kunnen netwerken
1.1.2. voordelen
1.1.2.1. hitte-einland effect
1.1.2.1.1. er is meer groen=> gezondere lucht en lagere temperatuur
1.1.2.2. arme buurt
1.1.2.2.1. hobby voor kinderen => zo vervallen ze niet in criminaliteit
1.1.2.3. tuintjes
1.1.2.3.1. ze zorgen voor verse voeding
1.1.3. sociale cohesie
1.1.3.1. mensen werken samen aan eenzelfde project
1.2. Lage emissie zone
1.2.1. wat
1.2.1.1. een zone waar de meest vervuilende voertuigen niet binnen mogen
1.2.2. bedoeling
1.2.2.1. uitstoot verkleinen
1.2.3. welke probleem
1.2.3.1. uitstoot en slechte luchtkwaliteit
1.2.4. waarom iks euronorm belangrijk
1.2.4.1. d euronorm bepaald of je in de LEZ mag rijden of niet. het geeft aan hoe vervuilend je wagen is
1.3. Parijs groener maken
1.3.1. Plan
1.3.1.1. nieuwe parken aanleggen
1.3.1.2. meer bomen planten
1.3.1.3. gescheiden fietspaden
1.3.2. voordelen
1.3.2.1. betere luchtkwaliteit
1.3.2.2. fietsveilliger
1.3.3. nadelen
1.3.3.1. mensen die vaak de auto nemen
1.4. besluit
1.4.1. hoe kan je steden duurzamer maken
1.4.1.1. meer groen => beter voor de luchtkwaliteit, biodiversiteit en tegen hitte-eilandeffect
1.4.1.2. alternatieve transportmiddelen => fietspaden
1.4.1.3. Autovrij => LEZ
1.4.1.4. standstuien als sociale project
2. sociale kenmerken van wijken
2.1. In grote steden zie je vaak dat er een segratie optreed
2.1.1. segratie: een scheiding
2.1.1.1. Sociale segratie: mensen uit verschillende sociale groepen die weinig contact hebben met elkaar
2.1.1.2. Ruimtelijke segratie: mensen uit dezelfde sociale groepen in 1 wijk
2.1.1.2.1. getto: een stadswijk die bewoond wordt door mensen met dezelfde etnische achtergrond, inkomen vaak laag
2.2. Harlem
2.2.1. werkloosheid, armoede, oude huizen,...
2.2.1.1. sociale huisvestiging: huurprijs van de huurwoningen afgestemd op het inkomen van de huurders
2.2.1.2. sociale woning: woningen die verhuurd worden door een sociale huisvestigingsmaatschappij
2.2.1.3. multicultureel: samenleven van mensen met verschillende culturen
2.3. Manhattan
2.3.1. hoog inkomen, moderne gebouwen, hoogbouw,...
3. de stedelijke omgeving en de temperatuur
3.1. Hoe beinvloed de stedelijke omgeving de temperatuur?
3.1.1. microklimaat: klimaten die in een beperkte gebied anders zijn dan het klimaat eromheen => stadsklimaat
3.1.1.1. 5 oorzaken waarom het warmer in steden is dan op platteland
3.1.1.1.1. donkere gebouwen: laag albedo
3.1.1.1.2. minder wind
3.1.1.1.3. minder bomen
3.1.1.1.4. veel warmte komt vrij
3.2. hitte-eilandeffect: een microklimaat waar gemakkelijk warmer wordt
3.2.1. tegen gaan
3.2.1.1. gebouwen wit schilderen, meer bomen planten en vijvers aanleggen
3.2.2. kenmerken
3.2.2.1. de gebouwen en de wegen in de stad warmen snel op
3.2.2.2. die stralen de warmen lang uit
3.2.2.3. daardoor is de temperatuur gemiddeld hoger dan buiten de stad
3.2.2.4. het verschil is het grootst tijdens de nacht
3.2.3. hittestress
3.2.3.1. wat
3.2.3.1.1. je ongezond voelen door warmte
3.2.3.2. wie
3.2.3.2.1. ouderen, overgewicht, chronische zieken, mensen met lage longcapaciteit
3.3. besluit
3.3.1. een stadsklimaat wodt vooral gekenmerkt door een hogere temperatuur dan in de ruime omgeving
3.3.1.1. die worden veroorzaakt door het hitte-einlandeffect
3.3.1.1.1. die warmen veel sneller op en stralen warmte minder uit
3.3.1.1.2. meer verkeer en warmeproductie door verwarming en airconditionning
3.3.1.1.3. weinig in open ruimte te vinden
4. veranderingen in de stedelijke ruimte
4.1. Parijs
4.1.1. voor franse revolutie: veel kleine smale straten, weinig hygiene,...
4.1.2. stratenpatroot voor franse revolute: radiaal centrische stadspatroon
4.1.2.1. = gekenmerkt door smalle straten
4.1.3. veranderingen van haussman (1870)
4.1.3.1. bomen planten
4.1.3.2. bossen aanleggen
4.1.3.3. parken aanleggen
4.1.3.4. bredere wegen
4.1.3.5. bruggen
4.1.3.6. riolering
4.1.3.7. uniform maken van gebouwen
4.1.4. waarom? hij wou circulatie in stad bevorderen
4.2. waarom verandert stedelijke ruimte
4.2.1. er is een bevolkingsgroei dus er gaan gebouwen en faciliteiten bijkomen
4.2.2. politiek bestuur heeft een ivloed op stedelijke ruimte
4.2.3. de steden moderniseren door de technologie vernieuwing
4.2.4. ook de nieuwe economische noden reflecteren