Onderdelen van het ademhalingsstelsel

This is a sample mind map.

Maak een Begin. Het is Gratis
of registreren met je e-mailadres
Rocket clouds
Onderdelen van het ademhalingsstelsel Door Mind Map: Onderdelen van het ademhalingsstelsel

1. Belangrijkste

1.1. neus

1.2. farynx

1.3. larynx

1.4. Trachea

1.5. bronchiën

1.6. longen --> bronchiolen + alveoli

2. NEUS

2.1. Lucht komt binnen via uitwendige neusopening ( neusgaten)

2.1.1. monden uit in de neusholte

2.2. vestibulum nasi

2.2.1. omsloten door: flexibele weefsels

2.2.2. ruwe haren steken uit naar buiten

2.2.2.1. beschermen tegen grote deeltjes die meekomen

2.3. hard gehemelte

2.3.1. gehemelte been + kraakbeen

2.3.2. bodem neusholte

2.3.3. scheidt die mondholte van de neusholte

2.4. zacht gehemelte

2.4.1. loopt achter hard gehemelte door

2.4.2. bodem van de nasofarynx

2.5. neusschelpen

2.5.1. lucht in stroomversnelling

2.5.2. filtratie

2.5.3. verwarmd

2.5.4. bevochtigd

3. Farynx ( keelholte)

3.1. spijsverteringsstelsel + ademhalingsstelsel

3.2. 3 onderdelen:

3.2.1. nasofarynx

3.2.1.1. bekleedt met trilhaarepitheel

3.2.2. orofarynx

3.2.3. laryngofarynx

3.2.3.1. plaveisel epitheel

3.2.3.1.1. mechanische slijtage

3.2.3.1.2. agressieve stoffen

3.2.3.1.3. ziekteverwekkers

4. Luchtwegen = buizen waardoor lucht van en naar de uitwisselingsopp. van de longen wordt vervoerd

4.1. Geleiding van lucht

4.1.1. neusholte farynx larynx trachea bronchiën grotere bromchiolen

4.2. gasuitwisseling

4.2.1. kleinste + kwetsbaarste bronchiolen alveoli in de longen

4.3. FUNCITE:

4.3.1. transport fitreren verwarmen bevochtigen

4.3.1.1. beschermt alveoli tegen: celresten ziekteverwekkers extreme uitwendige omstandigheden

4.4. BESCHERMING DOOR:

4.4.1. respiratoire slijmvlies ( mucosa)

4.4.1.1. bekleedt de buizen vh. ademhalingsstelsel

4.4.1.1.1. bestaat uit: dekweefsel met slijmvliezen

5. Larynx

5.1. 3 grote kraakbeenstukken

5.1.1. epiglotes ( strottenklepje)

5.1.1.1. bij het slikken -> larynx omhoog -> elastische epiglottis vouwt zich naar achter, over de stemspleet ( glottis)

5.1.1.1.1. voorkomen dat: vloeistof of vastvoedsel in de luchtwegen komt

5.1.2. cartiago thyroidea (schildkraakbeen)

5.1.2.1. groot deel van de voorste en laterale opp. vd larynx

5.1.2.2. adamsappel

5.1.3. cartilago cricoidea (ringvormig kraakbeen)

5.1.3.1. ondersteunt aan de achterkant

5.1.3.2. cartilago thyroidea + cardilago cricoidea

5.1.3.2.1. beschermen de stemspleet glottis

5.1.3.2.2. beschermen toegang tot de trachea

5.2. valse stembanden

5.2.1. stug

5.2.2. voorkomen dat vreemde voorwerpen de glottis binnenkomen

5.2.3. beschermen de ware stembanden

5.3. ware stembanden

5.3.1. elastische ligamenten

5.3.2. hoestreflex

5.3.2.1. vloeistof of vastvoedsel in aanraking komen met de stembanden

5.3.2.2. tijdens hoesten blijft de glottis gesloten

5.3.2.2.1. samentrekken van borst en buik -> longen samengedrukt

6. Trachea

6.1. taaie buigzame buis

6.2. de wanden worden verstevigd door kraakbeenstukken

6.2.1. voorkomen dat de trachea dichtklapt

6.2.2. bij drukverandering teveel uitrekt

6.3. sympatische prikkeling diameter groter

6.3.1. grote hoeveelheden lucht kunnen worden verplaatst

7. Bronchiën

7.1. binnenbekleding: trilhaar epitheel

7.2. door U-vormige kraakbeenstukken omgeven

7.3. rechter primaire bronchus

7.3.1. voert lucht aan naar de rechterlong

7.3.2. grote diameter + minder scherpe hoek naar de long

7.3.2.1. vreemde voorwerpendie de trachea binnenkomen hier terecht en niet in de linker

7.4. linker primaire bronchus

7.4.1. voert lucht aan naar de linkerlong

7.5. primaire brochus

7.5.1. vertakt tot steeds kleiner wordende luchtwegen

7.5.1.1. = bronchusboom

7.5.2. als ze de longen binnengaan: vertakken ze tot secundaire bronchi

7.6. secundaire bronchi

7.6.1. lopen door tot in de longkwabben aan dezelfde kant

7.6.2. kraakbeenstukken zijn vrij groot

7.7. tertriare bronchi

7.7.1. voorziet een specifiek gebied van lucht

7.7.2. kraakbeenstukken worden kleiner

7.8. bronchiolus

7.8.1. kraakbeenstukken verdwijnen

7.8.2. zeer smalle doorgang

7.8.3. wanden bestaan uit gladspierweefsel

7.8.3.1. autonome zenuwstelsel geregeld

7.9. diameter

7.9.1. weerstand van de lucht en verdeling gereguleerd

7.9.2. wijzigen

7.9.2.1. sympatische activering

7.9.2.1.1. ontspanning van gladde spieren

7.9.2.2. parasympatische prikkeling

7.9.2.2.1. samentrekken gladde spier

8. Bronchiolen

8.1. smalste stransportbuizen

8.1.1. = terminale bronchioli

8.1.1.1. voert lucht naar lobje van long

8.1.1.1.1. lobje= gedeelte van het longweefsel dat begrends door tussenschotten van bindweefsel + krijgt lucht toegevoerd door één enkele bronchiolus